RIWA-Maas, een samenwerking van bedrijven in Nederland en België die drinkwater uit de Maas halen, levert drinkwater aan 7 miljoen mensen. De inname van water uit de Maas door deze bedrijven moest in 2025 zelfs 56 keer worden stilgelegd of beperkt, omdat het water ernstig verontreinigd was.
In totaal werd de inname van Maaswater 192 dagen lang verstoord doordat de rivier te vervuild was. Waterleiding Maatschappij Limburg (WML) kon in augustus 2025 vier weken lang geen drinkwater meer winnen uit de Maas, omdat de rivier verontreinigd was met propamocarb. Totaal moest in de zomer van 2025 bijna drie maanden lang de inname worden stilgelegd nadat er te veel bestrijdingsmiddelen werden aangetroffen. Propamocarb is een middel dat in de landbouw en in kassen wordt gebruikt tegen schimmels. De gifstoffen werden door een bedrijf in Wallonië in de Maas geloosd. Het duurde weken voordat de bron van de vervuiling werd gevonden.
‘Niemand heeft een volledig beeld van wat er precies in het oppervlaktewater terechtkomt’, schrijft RIWA-Maas in een nieuw rapport. Overheden kunnen deze bron beter beschermen door te zorgen voor een volledig overzicht van directe en indirecte lozingen, actuele vergunningen, beter toezicht en internationale uitwisseling van gegevens’, stelt RIWA-directeur Maarten van der Ploeg. ‘Ook bedrijven moeten hun verantwoordelijkheid nemen en beter inzicht geven in hun afvalwaterstromen en schadelijke lozingen actief beperken.’ De druk op de Maas en de vraag naar drinkwater neemt toe. Het RIVM schatte in 2023 dat Nederland in 2030 elk jaar zo’n 100 miljoen kubieke meter drinkwater extra nodig heeft. Bij droogte verergeren de vervuilingsproblemen. Omdat er minder water door de rivier stroomt, worden giftige stoffen minder verdund. ‘Kwantiteit en kwaliteit zijn onlosmakelijk verbonden’, schrijft RIWA in het jaarrapport.
Bij NVWA inspecties zijn in juni 2026 stoffen als propamocarb, fluopicolide en amisulbrom ook in de buurt van scholen aangetroffen. Die stoffen zijn vooral voor kinderen zeer schadelijk. De gebruikte middelen kunnen chronische aandoeningen veroorzaken. Daarnaast kunnen de stoffen ecosystemen, het bodemleven en het oppervlaktewater ernstig verstoren. Telers houden zich nog altijd niet aan de wettelijke voorschriften voor het gebruik van deze omstreden gewasbeschermingsmiddelen.
De NVWA onderzocht 103 percelen, na toenemende meldingen van omwonenden die zich zorgen maakten over het gebruik van de bestrijdingsmiddelen. Op 32 plekken werden één of meer overtredingen vastgesteld. Daar werden soms te hoge doseringen van bestrijdingsmiddelen gemeten. Ook trof de toezichthouder verboden stoffen aan. Zo gebruikte een akkerbouwbedrijf in Bergentheim, dat op 500 meter van een basisschool ligt, verkeerde ongeoorloofde bestrijdingsmiddelen bij de suikerbietenteelt.
In Woudrichem ging een bedrijf bij de teelt van sjalotten en spinazie de fout in. Beide telers kregen een officiële waarschuwing. De Drentse gemeente Westerveld wil na jarenlange discussie en zorgen geen lelieteelt meer binnen een straal van 50 meter rondom woonwijken, scholen en zorginstellingen.
Propamocarb is in Nederland alleen nog toegestaan in de gangbare aardappelteelt. Op aardappels zijn residuen toegestaan tot een maximum van 0,3 mg per kilo. Voor peulvruchten mag het middel niet worden gebruikt en is de limiet gesteld op 0,01 mg per kilo. Op de peulvruchten van een biologische akkerbouwer werd in 2025 nog 0,03 tot 0,06 mg per kilo propamocarb aangetroffen.
Omdat de Maximale Residuelimiet (MRL) werd overschreden werd het product niet alleen afgekeurd voor de biologische markt, maar mocht het ook gangbaar niet meer voor humane consumptie worden verkocht. Propamocarb blijkt erg driftgevoelig te zijn; het verwaait makkelijk naar naburige akkers, maar ook tuinen van omwonenden of beschermde natuurgebieden. Recent werd in natuurgebied De Peel zelfs een concentratie propamocarb gevonden van 1,4 mg/kg op eikenbladeren, ruim boven de wettelijke norm.

Leave a Reply