Affaire Officier van justitie Joris Demmink
Ed Nijpels pleitte er in 1978 voor dat het verbod op seksuele relaties met minderjarigen uit het wetboek van strafrecht zou worden gehaald en dat kinderen zelf zouden mogen kiezen of ze seksuele relaties met volwassenen zouden willen aangaan. Dit pleidooi voor pedofilie bracht Nijpels in botsing met CDA-senator en hoogleraar pedagogiek Van Hulst, die vond dat kinderen op school juist beschermd moesten worden tegen de lusten van volwassenen.
Ook de JOVD kwam op voor pedofielen. In november 1988 trad de toen 21-jarige Mark Rutte aan als landelijk voorzitter van deze club. Mark Rutte werkte later, naast zijn baan als premier, enkele uren per week als leraar. Op een middelbare school in Den Haag gaf hij één keer per week het vak maatschappijleer. VVD-minister Frits Korthals Altes stelde in 1985 ook al voor om seks met jongeren vanaf twaalf jaar te legaliseren.
Alleen als er sprake was van omkoping met geld of goederen, machtsmisbruik of misleiding zou er pas straf moeten volgen. In het land sloeg het wetsvoorstel in als een bom en Korthals Altes besloot het voorstel toch maar niet in te dienen bij het parlement.
In 1982 maakte Demmink zijn entree op het Ministerie van Justitie, het jaar dat Koos Hertogs werd veroordeeld tot levenslang
De jonge Joris Demmink (11/12/1947) was tot zijn pensionering eind 2012 de hoogste ambtenaar op het ministerie van Justitie, groeide op als enig kind in een hecht Goois gezin. In 1966 deed Demmink eindexamen en verhuisde hij naar Leiden om Nederlands recht te studeren. Daar trad hij toe als lid van het Leidsch Studenten Corps (tegenwoordig Minerva geheten). Demmink koos daarna voor een zekere loopbaan bij de overheid. Joris Demmink was van 1982 tot zijn pensionering in 2012 in dienst bij het ministerie van Justitie.
Voordat hij in 2002 secretaris-generaal van het ministerie van Justitie werd, was hij van 1982 tot 1983 plaatsvervangend directeur bij de directie Politie en van 1983 tot 1988 was hij het hoofd van de directie Politie en aansluitend tot 1990 hoofddirecteur bij de Organisatie Rechtspleging. Van 1990 tot 1993 bekleedde hij de functie van directeur-generaal Rechtspleging. In dat laatste jaar werd hij benoemd tot directeur-generaal Internationale Aangelegenheden en Vreemdelingenzaken.
In 1996 zou Demmink in Turkije talloze jongens tussen de twaalf en zestien jaar seksueel hebben misbruikt waarvoor hij in Turkije werd aangehouden. Slachtoffer Mustafa was twaalf toen hij zou zijn gerekruteerd door politieagent Mehemet Korkmaz, waarna hij naar de kamers van Demmink zou zijn gebracht en waar hij herhaaldelijk seksueel zou zijn misbruikt. Een ander slachtoffer genaamd Osman was veertien toen hij naar Demmink zou zijn gebracht en seksueel zou zijn misbruikt.
Mustafa en Osman hebben beiden in september 2008 en mei 2010 aangifte gedaan tegen Demmink. Agent Korkmaz, de persoon die verantwoordelijk was voor het brengen van de jongens naar Demmink, heeft de rekeningen van Mustafa en Osman geverifieerd. Mustafa, Osman en officier Korkmaz waren bereid om een gezworen getuigenis af te leggen van alle daden die ze hebben doorstaan en waar ze getuige van waren, waaronder nog een vermeend derde kindslachtoffer van aanranding, Yacine. Mustafa Y. en Osman B., zijn vervolgens in Turkije ernstig bedreigd en mishandeld.
Ook hun familieleden werden benaderd en bedreigd door Emin Arslan, de voormalige plaatsvervangend chef van de Turkse nationale politie. Hetzelfde gebeurde met de journalist Burhan Kazmali die als eerste publiceerde over de bezoeken van Joris Demmink aan Turkije en die onder pseudonaam Joseph Stein daar verbleef. De twee jongens werd geld aangeboden en een nieuwe Turkse advocaat wanneer ze de ingediende klacht bij het Gerechtshof te Den Haag zouden intrekken.
Osman weigerde en werd ernstig fysiek mishandeld. Mustafa werd met zijn gezin in veiligheid gebracht in een safe house. De journalist Burhan Kazmali werd opnieuw benaderd door Emin Arslan en een familielid met de eis het nieuwe adres van Mustafa af te geven. Nadat Kazmali dit weigerde is hij op straat bewusteloos geslagen. Van alle intimidaties en mishandelingen werd vergeefs aangifte gedaan, terwijl er voldoende ondersteunend bewijs voorhanden was.
Beide jongens hebben Mehmet Korkmaz geïdentificeerd als de politieagent die hen naar Demmink had gebracht. Korkmaz verklaarde zelf ook in een video-interview dat hij Mustafa en andere jongens naar Demmink had gebracht voor seksueel misbruik. De toenmalige baas van Korkmaz, de voormalige politiechef van Istanbul, bevestigde dat zijn politie Demmink beschermde tijdens zijn bezoeken aan Turkije in de jaren negentig. In een rapport beschrijft de hoge Turkse veiligheidsfunctionaris Huseyin Celebi de kwetsbaarheid van Demmink voor chantage nadat hij in 1995 werd betrapt op kindermisbruik in Turkije.
Huseyin Celebi legde ook de data uit de jaren negentig uit waarin Demmink Turkije had bezocht. Deze data hebben betrekking op de periode die in beide politierapporten wordt vermeld. Van de gouverneur van Istanbul ontving het Nederlandse Openbaar Ministerie bovendien een soortgelijke lijst met data waarop Demmink het land was binnen gekomen. De data op de lijst komen overeen met het bezoek aan Ankara van de EU K4 Commissie, een Europese commissie waarin Demmink Nederland vertegenwoordigde. Demmink ontkende dat hij überhaupt in Turkije was geweest. Het Landelijk Openbaar Ministerie heeft dit ondersteunende bewijs ook volledig overgeslagen. Twee andere Turkse getuigen meldden zich ook in deze zaak. Een van hen verklaarde Demmink te hebben ontmoet tijdens het K4-bezoek aan Ankara in 1998.
Een tweede getuige verklaarde hem persoonlijk te hebben ontmoet tijdens een Interpol-bijeenkomst in Antalya. Officier van justitie Murat Gök werd op 12 april dood aangetroffen in zijn huis. Gök werd de “Super Aanklager” genoemd vanwege de succesvolle operaties die onder zijn leiding werden uitgevoerd en was sinds 2009 in functie. Operaties waarbij Gök betrokken was, varieerden van corruptie tot kindermishandeling. Hij hield toezicht op de arrestatie van meer dan 20 verdachten in wat de Barbaros-operatie werd genoemd, die volgde op een reeks beschuldigingen van verkrachting en misbruik in Barbaros Children’s Village.
Een andere operatie hield toezicht op de arrestatie van zeven verdachten, waaronder politici en zakenmensen, in een corruptiezaak in de gemeente Urla. Soortgelijke corruptiezaken vonden ook plaats in Buca, Güzelbahçe, Değirmen, Alaçatı en andere steden, wat resulteerde in tientallen arrestaties. Zembla-journalist Sinan Can werd volgens advocate v.d. Plas met de dood bedreigd als hij door zou gaan met onderzoek naar pedofiele activiteiten van Demmink. In 1998 was bij Netwerk op televisie te horen hoe Demmink kinderen bestelde bij een crimineel netwerk van kinderhandelaren waarmee hij rechtstreeks in contact stond. Desondanks was de doorslaggevende kracht achter de benoeming van Demmink Piet- Hein Donner die op dat moment net minister van Justitie was geworden. Ook het Koninklijk Huis zou achter zijn benoeming staan.
Naar aanleiding van verklaringen van Nico Langeveld, een zedendelinquent in diens eigen strafzaak over misbruik van jongens beneden de 16 jaar, dat zou hebben plaatsgevonden vanuit een (homo-)bordeel annex escortbureau in Amsterdam werd een onderzoek gestart. Het onderzoek leidde uiteindelijk in 1999 tot vervolging en veroordeling van twee personen, de bordeelhouder en één van diens ronselaars, tot respectievelijk 3 jaar gevangenisstraf en vijftien maanden gevangenisstraf waarvan 6 maanden voorwaardelijk. Omdat Nico Langeveld in zijn verklaringen had gemeld dat twee (toenmalige) hoofdofficieren van justitie en enkele politieambtenaren van het politiekorps Amsterdam-Amstelland diensten zouden afnemen bij het homobordeel, werd het Rolodex-onderzoek gestart waarbinnen deze specifieke signalen werden onderzocht. Het Rolodex onderzoek werd vernoemd naar de rolodex van professor Ger van Roon. Deze inmiddels overleden historicus zou de spil van het netwerk zijn geweest. In zijn rolodex zouden de namen en nummers van alle betrokkenen staan.
Een aangifte van getuige Jetty Bruggenwirth, was mede een aanleiding voor het Rolodexonderzoek. Zij stapte naar de politie nadat haar vriend Nico Langeveld haar dochter had misbruikt. Een voormalig zedenrechercheur noemde Nico Langeveld, een chauffeur voor jongensbordelen, de ‘gevaarlijkste psychopaat’ die hij ooit had ontmoet. Hij werd later veroordeeld tot 8 jaar cel en tbs. In het Rolodexonderzoek kwam de politie er in 1997 achter dat er ook een zestal mensen in dienst van de overheid betrokken waren bij de kinderprostitutie. Toenmalige hoofdofficieren van justitie Jan Wolter Wabeke, Henk Wooldrik en Hans Holthuis en Joris Demmink van het ministerie van Justitie lagen in het vizier bij CIE en Rijksrecherche als verdachten van ontucht met minderjarige jongens.
De verdenking volgde na een tip van een eenvoudige ontuchtpleger, die aangaf dat “hooggeplaatste personen alles mogen, terwijl ik ben opgepakt”. Een getuige werd als veertienjarige door Demmink misbruikt. Hij zou door een pooier zijn gechanteerd en in contact gebracht zijn met Van Roon, die hem weer zou hebben doorgespeeld aan Demmink. Wabeke was, na een glansrijke carrière als onder meer hoofdofficier van justitie en Ombudsman Financiële Dienstverlening, raadsheer bij het gerechtshof in Den Haag. Demmink werd in 2003 door de bladen Panorama en de Gay Krant in verband gebracht met seksueel misbruik van minderjarige jongens. De Rijksrecherche concludeerde in haar onderzoek dat er geen bewijzen waren voor strafbare feiten, waarop Panorama en de Gay Krant hun eerdere beweringen rectificeerden. Een valse aangifte tegen Demmink in oktober 2003 werd bestraft door de politierechter met een voorwaardelijke celstraf van 2 maanden. De verklaringen waren volgens de politierechter “onjuist en leugenachtig”.
Karel Maasdam en Willy Schmitz runden jarenlang een jongensbordeel aan de Insulindeweg 109 in Amsterdam-Oost. Maasdam werd in 1998 veroordeeld tot 3 jaar gevangenisstraf. Maasdam verklaarde zich een zondebok te voelen. Jarenlang werd zijn bordeel gedoogd. Zowel agenten als sociaal werkers kwamen er over de vloer. En ineens mocht het niet meer. Na zijn vrijlating liet hij zich ontvallen dat de Amerikaanse inlichtingendienst zijn klantenbestand hadden doorgenomen, en dat de Nederlandse inlichtingendienst BVD zich daar daarover zeer misnoegd over had getoond. Karel Maasdam (72) moest later in het getuigenbankje plaatsnemen, maar kwam niet opdagen. Hij wist niets van een gerechtelijke oproep. Verslaggever Koen Voskuil is hem uiteindelijk gaan ophalen. Hij zegt met gezondheidsklachten te kampen en mogelijk aan dementie te lijden. Uiteindelijk is besloten afstand van hem te doen als getuige. Hij oogde te verward.
Naar aanleiding van een verzoek op grond van de Wet openbaarheid van bestuur is op 23 december 2013 een samenvatting en een inventarisatie van het Rolodex onderzoek openbaar gemaakt.
Op 21 januari 2014 startte het gerechtshof ’s-Hertogenbosch de vervolging van Joris Demmink en droeg het OM op daartoe een opsporingsonderzoek in te stellen. Lopende het onderzoek kwamen ook twee andere medewerkers met een juridische overheidsfunctie in beeld. Uit onderzoeksbevindingen kwam naar voren dat deze twee personen ook afnemers waren van de homoseksuele diensten van het bordeel. Het College van procureurs-generaal kwam tot de conclusie dat op grond van het onderzoek de twee hoofdofficieren van justitie niet als verdachte konden worden beschouwd. Ten aanzien van de twee medewerkers met een juridische overheidsfunctie kwam het College ook tot de conclusie dat niet gebleken is dat zij zich schuldig zouden hebben gemaakt aan strafbare feiten.
Jetty Bruggenwirth verklaarde dat Nico Langeveld de zoon was van Maurits de Vries/Zwarte Joop (de Godfather van de Amsterdamse onderwereld). “kippenboer” Nico Langeveld werkte bij de Sociale Dienst van Amsterdam en was ook gastouder. Hij leverde als pooier jongetjes aan de topambtenaren van justitie en werkte samen met Robby Volkers, waarmee hij in de Bijlmerbajes had gezeten! Zelf draaide Jetty Bruggenwirth (53) in april 2016 ook 10 maanden de cel in wegens medeplichtigheid, hoewel ze tot op de dag van vandaag volhoudt dat ze onschuldig is en verplicht had moeten toekijken hoe Nico Langeveld haar dochter verkrachtte.
Bij aanvang van de zitting werd Bruggenwirth gevraagd naar haar relatie met Nico Langeveld ,,Ik heb gegijzeld gezeten in zijn woning”, vertelde ze. Daarnaast ontkende ze dat Nico haar partner was. ,,Het was een vriend waar ik bij kon onderduiken.” Dat onderduikadres bleek na verloop van tijd geen veilige haven meer. Bruggenwirth verklaarde onder meer dat Nico langeveld op haar had geschoten. Het ging mis vanaf de dag waarop Rien Blokker en Walter Stevens van de CID voor de deur stonden. Daarna werd Nico gewelddadig, aldus Bruggenwirth. Na drie maanden probeerde ze bij hem weg te komen, waarna hij haar opsloot op de zolder van zijn woning aan de Walenburgersingel 127 waar hij haar dochter regelmatig verkrachtte. En daar bleef het niet bij. ,,Nico verhuurde zijn eigen kinderen, ook aan hoge ambtenaren.
Dat had zij gezien aan de hand van betaalcheques. Hij bracht kinderen naar de woningen van Van Roon, Salomonson, Demmink, Wabeke en Holthuis.” Volgens Bruggenwirth haalde Nico geld op in de 3e Oosterparkstraat bij Willy Schmidts, de man die samen met bordeelhouder Karel Maasdam, van wie Nico chauffeur was, in 1998 was veroordeeld. Van Schmidts hoorde Bruggenwirth dat er feestjes waren op de woonboot van drugsbaron Klaas Bruinsma. Ook daar kwamen hoge ambtenaren. ,,De kinderen heb ik zelf gezien”, vertelde ze. ,,Ze waren kwetsbaar. Ze rookten en slikten valiumtabletten. Ze waren niet ouder dan 14 jaar, schat ik.”
De pedofeesten vonden ook plaats op een eikenhouten woonboot aan de Amstel en in een appartement aan de Beemsterstraat, maar ook in de kelder van het gerechtsgebouw in Amsterdam. De twee kwamen vaak samen bij cafe Ruk en Pluk op de Linaeusstraat in Amsterdam waar ook kinderporno werd verkocht. De zus van Johan Verhoek (de hakkelaar) woonde op een dubbeldeks woonboot bij de Schellingwouderbrug en ook daar werd kinderporno verkocht onder andere van opnames die in het Amstelhotel werden gemaakt.
Demmink kwam in de jaren negentig regelmatig bij zijn collega Wabeke over de vloer in een Brabantse boerderij. Over Wabeke is er van 28 augustus 2003 een gespreksverslag van onbekende herkomst. Het was een openhartig en intiem gesprek met voormalig hoofdofficier van Justitie Jan Wolther Wabeke (JW) en zijn partner Jan Swinkels. Demmink zou Libor Ctvrtlík, een Tsjechische vriend mee hebben genomen naar het huis van Wabeke.
De Tjech was pornoacteur – iets waarover geregeld gegniffeld werd op justitiefeestjes en diners. In 2019 stelde de socialistische partij (SP) er vragen over aan het kabinet, die ook in het onderzoek werd genoemd. Maar Henk Krol, inmiddels fractievoorzitter van 50plus in de Tweede Kamer, vertelde tijdens een voorlopig getuigenverhoor in Utrecht: Wabeke heeft hem een videoband met homoseksuele pornografie laten zien, die hij van Demmink cadeau had gekregen. De hoofdrol in die pornofilm wordt gespeeld door Demminks jonge vriendje, de Tsjechische acteur Libor Ctvrtlík. De titel was Das f***ende Klassenzimmer,” herinnerde Krol zich. “Of het minderjarige jongens waren weet ik niet. Maar zijn vriendje was jong, de kinderen in de klas nog jonger.” Uit Krols woorden blijkt dat Wabeke die video aan hem heeft willen doorgeven.
Wabeke was, na een glansrijke carrière als onder meer hoofdofficier van justitie en Ombudsman Financiële Dienstverlening, raadsheer bij het gerechtshof in Den Haag “toen zijn naam in 2014 in een minder fraai dossier opdook. De stichting De Roestige Spijker probeerde helderheid in die zaken te krijgen. Het lukte om oud-zedenrechercheurs en -justitiemedewerkers onder ede te laten getuigen. Het was een Amsterdamse zedenrechercheur die Wabeke noemde als één van de hoofdofficieren van justitie die volgens een tipgever aanwezig zou zijn op seksfeesten bij Ger van Roon, een professor in Amsterdam-Noord. In het diepste geheim werd onderzoek gedaan naar die bewering, maar toch lekte het onderzoek uit waardoor alle betrokkenen op de hoogte waren. Tot frustratie van het rechercheteam werd het onderzoek stopgezet.
Emile Broersma was eind jaren ‘90 commandant van het observatieteam bij een afdeling van de dienst Bijzondere Recherchezaken van de politie. Uit het proces-verbaal van zijn getuigenverklaring blijkt dat meerdere verdachten naar voren kwamen: “Onze opdracht hield in om informatie te verzamelen over vier verdachten, waarnaar de Rijksrecherche op dat moment onderzoek deed. Eén van die verdachten was Demmink.”
Broersma verklaart dat dit onderzoek maar een aantal dagen gelopen heeft: “De reden waarom dit onderzoek zo kort liep was dat de zaak op enig moment stuk was.” De reden hiervan was volgens hem “dat er gelekt werd naar een van de betrokken verdachten. Dat betrof volgens Broersma officier van justitie van het landelijk parket Hans Holthuis. “Dit laatste is mij verteld door mijn direct leidinggevende, de heer Knapen (bureauchef). Hij vertelde mij dat onze dienstleiding (die valt ook onder het landelijk parket) het erg ingewikkeld vond om dit onderzoek naar bazen te doen.” Even later in het verhoor noemt Broersma ook de twee andere verdachten, die eveneens tot hun ‘bazen’ bleken te behoren: “Naast de namen die hij al genoemd had waren verdachten in het onderzoek de heren Wabeke en Woldrik.” Beiden waren ook officier van justitie. Het observatieteam kreeg de instructie om het onderzoek direct te stoppen. Een aanvraag bij de toenmalige landelijke recherche informatiedienst voor de inzet van observatieteams op Demmink en de officieren werd afgewezen door het hoofd van de dienst, de Amsterdamse korpschef, Pieter-Jaap Aalbersberg.
Ook Leen de Koter, indertijd rechercheur bij de CIE (Criminele Inlichtingeneenheden), legde een verklaring af waarin Wabeke werd genoemd. Hij legde uit dat de CIE over informatie beschikte dat hooggeplaatste personen betrokken zouden zijn bij misbruik van minderjarigen, met name jongens. “Het CIE-onderzoek was gericht op hoogleraar Ger van Roon, die in zijn eigen woning feestjes zou organiseren waarbij er seksorgies met minderjarigen plaatsvonden.” De Koter verklaarde net als Broersma onder ede over welke hooggeplaatste personen het ging. Dat waren de heren Waabeeke, Woldrik, Holthuijzen en Demmink.”
Ook De Koter liet er geen twijfel over bestaan dat het onderzoek werd stukgemaakt: Er heeft een aantal huiszoekingen plaatsgevonden onder andere in de woning van Van Roon. Het onderzoek in de woning van Van Roon leverde niets op. Ik ben daar zelf bij geweest en mij viel direct op dat Van Roon duidelijk voorbereid was op onze komst. Terwijl de huiszoekingen als een gecoördineerde actie uitgevoerd moesten worden, kwam de rechter-commissaris bij Van Roon pas binnen om 8 uur, terwijl de andere invallen eerder (om 6 uur) hadden plaatsgevonden. Ik ga ervan uit dat dit tijdsverschil in uitvoering van de huiszoekingen op gezag van het Openbaar Ministerie is gebeurd.
Dit is niet gebruikelijk, omdat het bij dit soort gecoördineerde acties natuurlijk de bedoeling is om die op een en hetzelfde tijdstip uit te voeren. Van Roon deed de deur open, had bij wijze van spreken de koffie voor ons klaar en vroeg ook helemaal niet wat we kwamen doen. Na een korte uitleg van de rechter-commissaris konden wij wat betreft Van Roon onze gang gaan. Mij viel op in het kastje waarin de tv stond, dat er een videoaansluiting was en dat er een videorecorder en banden gestaan moeten hebben die verwijderd waren. Ik kon dat zien aan stofresten. Ook was opvallend dat er wel een computeraansluiting en -kabels waren, maar geen computer was aangetroffen. In zijn verklaring bevestigt De Koter bovendien dat Fred Teeven de namen van de verdachten ook kende.
Een derde getuigenverklaring waarin Wabeke naar voren kwam is die van Jaap Hoek, die indertijd bij de Jeugd- en Zedenpolitie te Amsterdam werkzaam was als hoofdinspecteur en daar het kinderpornoteam leidde. Hoek bevestigt de lezing van De Koter, en herinnert zich ook hoe het onderzoek werd gesaboteerd: “omdat ik zelf heb moeten constateren dat direct na aanvang van het onderzoek dit onderzoek stuk viel. Het kan niet anders dan dat er gesproken is. Als je het hebt over een onderzoek dat stuk gemaakt wordt, kun je ook wel het woord “verlinken” daarbij bedenken.” De Koter was in 1997, betrokken bij het Rolodex-onderzoek als rechercheur van de criminele inlichtingendienst.
Ex- Minister Opstelten heeft later beweerd dat Demmink geen verdachte was in die tijd, terwijl dat wel degelijk zo was. Toen nog oud-rechercheur Leen de Koter verklaarde echter als getuige bij de rechter-commissaris in Utrecht dat Demmink en drie andere hoofdofficieren van justitie bij de Rolodex-zaak wel degelijk zijn genoemd als verdachten. Oud-staatssecretaris Fred Teeven leidde als officier van justitie eind jaren negentig het onderzoek in de ‘Rolodex-zaak’. Via dit geheime project werd de mogelijke betrokkenheid van vier hooggeplaatste personen uit de justitiële wereld bij seksfeesten met minderjarige jongens onderzocht.
De namen van Demmink en 3 andere hoofdofficieren kwamen opnieuw naar buiten toen in een agenda van schandknapen de geheime telefoonnummers van hen opdoken. In april 2014 zei ook ex recherche chef Emile Broersma dat Joris Demmink, Jan Wolter Wabeke, Hans Holthuis en Henk Wooldrik verdachten waren in het onderzoek en dat zij geschaduwd moesten worden. Chef van de KLPD J. de Wijs maakte vervolgens het onderzoek stuk door Hans Holthuis te informeren over het onderzoek naar hen.
Koos van Woudenberg, stelt op jonge leeftijd misbruikt te zijn in een appartement in Amsterdam van professor Ger van Roon. In het huis ontmoette hij naar eigen zeggen onder meer oud burgemeester Ed van Thijn, prins Claus en voormalig minister Onno Ruding. Volgens Van Woudenberg moest hij Ruding oraal bevredigen. Prins Claus zou hij ook in een horecagelegenheid hebben gezien ‘in relatie tot jonge jongens’. Zijn verklaring is echter wankel. Professor Ger van Roon woonde inderdaad in een flatje in Amsterdam Noord, maar dat gebouw is pas in 1995 gebouwd, zo blijkt uit gegevens van het kadaster. Het is dus de vraag in welk appartement Van Woudenberg in 1982 dan zou moeten zijn geweest.
De voormalig medewerker van de toenmalige GG&GD Raphael Beth (70), orthopedagoog en toentertijd in dienst van de GGD als sociaal werker werd een tweede getuige in de zaak. Hij hield eind jaren ’80 een lijst bij van jonge jongens die in de prostitutie werkten in Amsterdam. Raphael Beth kwam bij een eerste telling tot 350. Volgens de officiële cijfers zou het gaan om ‘slechts’ 35 jongens. Beth kwam echter tot het tienvoudige, hij stelde dat de jongens elkaar ronselden.
Ze hadden allemaal lijsten bij zich met de namen van mannen die ze konden bezoeken. Beth had naar eigen zeggen goed zicht op de groep omdat ze voor problemen bij hem kwamen. Bovendien bezocht hij één keer per week de zes of zeven jongensbordelen in Amsterdam om te praten met de eigenaar. Beth stelt dat de ‘hele pedoprostitutie’ in die tijd gedoogd werd, er was geen repressief beleid. Hij stelde de door getuige Van Woudenberg als ‘spin in het web’ genoemde Ger van Roon echter niet te kennen.
Raphael Beth, legde 3 augustus 1998 een verklaring af omdat hij tussen 1988 en 1994 vrijwel dagelijks als streetcornerworker in Amsterdamse bordelen, oppikplaatsen en homobars verkeerde en verklaarde: “De jongenshoerenscene is in grote lijnen onder te verdelen in het reguliere en het pedoprostitutiecircuit. Die eerste groep, waar onderzoeker Beth zich voornamelijk op richtte, werkt in bordelen en bars in de Paardenstraat, het gebied rond de Nieuwendijk, het Centraal Station en enkele parken.
Zo’n 400 jongens uit binnen- en buitenland verdienden er hun brood”. De 43-jarige jongensprostituee Bart van Well kampt nog steeds met posttraumatische stress en stemmingswisselingen. Daarvoor houdt hij de staat, die volgens hem harder had moeten optreden tegen jeugdprostitutie, verantwoordelijk.
De hoofdredacteur van het NOS-Journaal, Hans Laroes verklaarde in januari 2004 voor de Raad van Journalistiek dat de researchafdeling van het journaal vanaf 2000 al op de hoogte was van geruchten over Demmink. Opsporingsambtenaren zouden tegen de onderzoeksjournalisten hebben gezegd dat Demmink een rol speelde in het Rolodex-onderzoek en ervan verdacht werd de verdachten te hebben getipt.
Joris Demmink zou regelmatig seksueel contact hebben met jonge jongens in het Anne Frankplantsoen in Eindhoven en in Praag en op de achterbank van zijn dienstauto. PSV directeur Fons Spooren werd daar eerder ook aangehouden nadat hij daar seks had met minderjarige jongens. Ook de Deken van Weert en een niet met name genoemde geestelijke zouden er regelmatig zijn, zo zou later uit onderzoek van het tijdschrift Panorama blijken. In het homopark zou een verloren identificatiepas van het ministerie van Justitie gevonden zijn.
In 2007 berichtte de Telegraaf dat observatieteams tijdens het Rolodex-onderzoek in 1998 hadden geconstateerd dat zeer jonge jongens op het Centraal Station van Amsterdam arriveerden om vervolgens naar de flat van van Roon in Amsterdam-Noord te worden gebracht voor “sinistere seksfeestjes’. De krant wist ook te melden dat er een zogenaamde contra-actie door criminelen was uitgevoerd: een anonieme bron, die tot de verdachten in het Rolodexonderzoek behoorde, had aangifte van kindermisbruik gedaan tegen een bij het onderzoek betrokken officier van justitie, in de hoop het onderzoek te destabiliseren. Daarom zou het onderzoek zijn stopgezet.
De Telegraaf refereerde vervolgens aan de nooit opgeloste moord op de kinderarts Joyce Labruyere uit 1991. Een informant zou destijds aan de BVD hebben doorgespeeld dat de moord verband hield met seksfeestjes met minderjarigen waarbij ook een officier van justitie uit Rotterdam betrokken zou zijn. Advocaat Adèle van der Plas die Hüseyin Baybasin bijstond probeerde in 2008 via een artikel 12-procedure alsnog vervolging van Demmink af te dwingen.
Op Kleintje Muurkrant verschenen berichten over de betrokkenheid van Demmink bij de staatsgreep van Desi Bouterse toen hij nog werkzaam was voor het Ministerie van Defensie (tot 1982) Volgens een CRI- bron zou de aanleiding tot het naar het naar buiten dragen van Joris bij Defensie van seksuele aard zijn geweest. Joris zou namelijk een bloeiende relatie hebben onderhouden met een jonge Surinaamse militair uit het Bouta-team, dat in 1982 verantwoordelijk was voor de September-moorden. Ook Stan de Jong schrijft over dit aspect van de affaire.
Ben van den Brink kwam in 2009 in het nieuws over misstanden in de Jeugdzorg in Nederland. Van den Brink kwam er naar eigen zeggen achter dat zijn beide dochters door zijn schoonvader werden misbruikt. Van den Brink geraakte daarop in conflict met de autoriteiten, werd vervolgd wegens bedreiging en verboden wapenbezit en zag zijn kinderen onder de hoede geplaatst worden van Bureau Jeugdzorg. Volgens Van den Brink ging het misbruik daar alleen maar door.
Van den Brink refereerde aan het ‘zeer machtige kindermisbruikcircuit’ dat in Nederland al decennialang kon floreren ‘onder leiding van volkomen corrupte justitiefiguren, waarbij Joris Demmink een centrale rol zou hebben gespeeld. Op dinsdag 13 september 2022 werd in Pakhuis de Zwijger in Amsterdam een boekpresentatie gehouden van het boek “Een politieke gevangene in Nederland, het verhaal van Hüseyin Baybasin” van auteur Rein Gerritsen. Yücel Yesilgöz de vader van de nu demissionair minister van justitie Dilan Yesilgoz framede Hüseyin Baybasin, die nog steeds voor levenslang gedetineerd is nadat een Turkse tolk T.Cetinkaya een verkeerde vertaling zou hebben gegeven bij de verhoren en de tabs van Baybasin. Op 12 april 2007, tien dagen nadat Baybasin aangifte deed tegen Demmink, ging Demmink bij de Baybasin ‘op gevangenisbezoek’ samen met mr. M. Kolkert (de AG bij het Hof Den Bosch die in 2002 de veroordeling tot levenslang binnenhaalde voor Demmink) en mr. G. Wouters, de hoofddirecteur van de Dienst Justitiële Inrichtingen op het ministerie, zeg maar de ‘grote gevangenisbaas’ van ons land.
Over dit bezoek werden op 7 mei 2007 kamervragen gesteld. Opmerkelijk in de beantwoording is, dat de minister de aanwezigheid van Kolkert in de ‘ambtelijke delegatie’ met klem ontkende. Doel van het bezoek van de ‘ambtelijke delegatie’ was om Baybasin te intimideren zijn aangifte in te trekken. Door deze unieke actie leverde Demmink als het ware zelf extra bewijs voor zijn betrokkenheid bij de gemanipuleerde rechtsgang.
De website “Klokkenluideronline” van oud NRC journalist Micha Kat, plaatste de zaak Demmink in de context van een verondersteld ‘Nederlands Dutroux-netwerk’. ‘In Nederland was, volgens zijn hersenspinsels, lange tijd, vanaf het begin van de jaren negentig, een netwerk actief van hoogwaardigheidsbekleders dat zich zou overgeven aan de meest weerzinwekkende vormen van sex met minderjarige kinderen. ‘De meeste leden van dit netwerk zouden sleutelposities hebben in de wereld van recht en justitie en ambtenarij. Volgens de website zouden in het netwerk sleutelrollen zijn weggelegd voor Frits Salomonson, de juridisch adviseur van het koningshuis, prins Claus, oud-officieren van justitie Hans Holthuis, Jan Wolter Wabeke en Joost Tonino, oud-hoogleraar Ger van Roon, oud-minister Job de Ruiter, VVD-prominent Ed Nijpels, oud-vice president van de Maastrichtse rechtbank Fokke Fernhout en PvdA prominent Ed van Tijn.
De website bleef in november 2008 over Demmink publiceren en putte daarbij onder andere uit het politiedossier van de zaak rond het Anne Frankplantsoen en gespreksaantekeningen tussen oud-Panorama-journalist Fred de Brouwer en oud LPF-minister Hilbrand Nawijn, waarin werd gesuggereerd dat de chauffeur van Demmink, Rob Mostert, een onnatuurlijke dood was gestorven omdat hij over zijn baas uit de school zou willen gaan klappen. Op 52-jarige leeftijd overleed Mostert aan hartfalen één dag voordat hij een verklaring over zijn baas zou afleggen bij de politie. Een gebeurtenis waarover de Amsterdamse oud-hoofdcommissaris van politie Eric Nordholt tegen vice-admiraal Nico Buis, voormalig hoofd van de BVD, tijdens een lunch gezegd zou hebben: “Die Demmink heeft ook wel blind geluk.
Mostert zou voor Demmink schandknapen op hebben moeten pikken met zijn dienstauto. Demmink zou dan seksuele handelingen met de jongens op de achterbank van zijn dienstauto hebben verricht in bijzijn van Mostert. Demmink zou er de gewoonte van hebben gemaakt om zijn Mostert om twee uur ‘s nachts uit zijn bed te bellen om hem op te halen bij een bekende homoclub in Den Haag, waarna hij de dienstauto onderkotste omdat hij straalbezopen was.
Mostert stapte naar zijn chef en maakte melding van dit gedrag. Die chef sprak zijn DG erop aan. Die wilde geen ruchtbaarheid en daarmee ontstond een doofpotzaak die de chef op overplaatsing kwam te staan. Hilbrand Nawijn zou over Demmink onder meer hebben gezegd: ‘Deze man gaat over lijken als zijn positie in gevaar komt. Hij doet er echt alles aan om zijn macht te behouden. Hij is geslepen. Let maar goed op: jij zou de eerste niet zijn wiens remleidingen plotseling blijken doorgeroest.
Zo viel eerder Gerard Hamer, advocaat van Frank Leenders (jeugdprostituee die in 2003 aangifte deed tegen Demmink, en een bron van De Brouwer), in Amsterdam dood van zijn fiets. Frank Leenders zou als kind door Demmink zijn misbruikt. Rob Van Gijzel en Van Rijsewijk adviseerden hem om aangifte te doen bij de politie, maar de volgende dag werd hij door de politie van zijn bed gelicht en trok hij zijn verklaring in. Onder druk van politieagenten en Demmink’s ministerie, denken ze.
Leenders vertrok naar het buitenland omdat hij zich niet meer veilig voelt en werd vervolgd voor meineed. Minister Donner dreigde ondertussen alle media die ‘de ambtenaar’ nader identificeren ‘voor de rechter te slepen’ en meldt ook ‘dat er nog geen spoor van rook is, laat staan vuur’. Ten kantore van de advocaat van Demmink, Harro Knijff van De Brauw Blackstone Westbroek, werd ‘een deal’ gesloten ‘waarover niemand iets naar buiten mag brengen. Demmink gaf aan deze ‘deal’ de voorkeur boven een dagvaarding aan beide bladen, iets waar Donner met klem op aandrong. De hoofdredacteuren van GayKrant en Panorama mochten niet meer over Demmink praten of schrijven op straffe van een dwangsom van 100.000 Euro. Dit op grond van een kortgeding dat tegen de bladen is aangespannen door de deken van Weert die eveneens van kindermisbruik in het Anne Frank-plantsoen werd beschuldigd. Deze deken won, maar de rechter in Den Bosch weigerde het bewijsmateriaal van de bladen in te zien.
Begin november 2003 ontstond er ‘rumoer’ op de redacties van de Gay Krant en Panorama omdat er gedwongen zou moeten worden gerectificeerd ‘terwijl Demmink toch van alles had toegegeven’. Demmink had in het gesprek op 19 oktober ‘drie Tsjechische jongens met naam en toenaam genoemd’ en ‘kon niet uitsluiten dat hij ook met minderjarige jongens heeft geslapen. Demmink heeft toegegeven niet altijd naar de leeftijd van ‘zijn jongens’ te hebben gevraagd. Ook de Duitse krant “Die Welt” schreef in een artikel: “Kein Einzeltater” een link tussen Dutroux en een Nederlands pedofielennetwerk en maakt melding van een film waarin de 13-jarige Duitse jongen Manuel Schadwald gedwongen wordt de perverse lusten van meerdere mannen te bevredigen. Nadat hij werd gedwongen stiket hij. De film die hiervan werd gemaakt werd aangetroffen in Zandvoort bij de later vermoorde Gerrit Ulrich. Verder wordt melding gemaakt van zogenaamde ‘snuff movies’.
In oktober 2024 laaide de kwestie Demmink en de betrokkenheid van Rutte opnieuw op en werd het trending op platform X. Het ministerie van Justitie bleek bijna 120.000 euro te hebben bijgedragen aan de verdediging van Demmink. De kosten zijn in 2013 en 2014 gemaakt voor rechtsbijstand in een strafvorderingsprocedure (ruim 64.000) en bijstand in civiele procedures (bijna 49.000). Bovenop deze uitgaven kwam nog een bedrag van 6.529,50 euro die Demmink moest betalen in het proces dat hij vergeefs had aangespannen tegen het AD. Hij wilde dat de krant artikelen over hem zou rectificeren, maar de rechter wees dat af.
In dat vonnis sprak de rechter van ‘zorgvuldige’ verslaggeving door het AD. Demmink had rectificatie en een forse schadevergoeding van het AD geëist, omdat hij onterecht schade zou hebben ondervonden door berichtgeving. In het AD-artikel in oktober 2012 stelden meerdere ooggetuigen dat de toenmalig Defensieambtenaar begin jaren ’80 contact had met een beruchte Haagse jongenspooier. De Rotterdamse rechtbank vond dat het AD zorgvuldig genoeg was in haar publicaties. Auteur Koen Voskuil had de betrouwbaarheid van bronnen getoetst en geen onjuiste feiten gepubliceerd. Opstelten was ondanks dit vonnis bereid ook de ruim 6.500 euro voor deze zaak te vergoeden. Zijn uitleg was dat ‘niet was komen vast te staan dat de door het AD geuite beschuldigingen gegrond waren.
Demmink en Heineman zouden volgens Leenders samen ook homoclubs in Praag bezocht hebben. Nawijn kwam in dit verband ook te spreken over de chauffeur van Hans Heinemann die zou zijn vermoord. Hans Heinemann is de Nederlandse topdiplomaat met wie Demmink kinderen misbruikte in de Pinokkio-bar te Praag.
Vanuit het Ministerie van Justitie meldde zich Fred Bakker, de rechterhand van Demmink bij Panorama en de GayKrant in een poging de naderende publicatie pro-Demmink te beïnvloeden. Op 8 oktober 2003 publiceren Panorama en de Gaykrant dan toch een artikel waarin stond dat Demmink zowel in Eindhoven (Anne Frankplantsoen) als in Praag (sexbar Pinoccio) minderjarige kinderen misbruikte.
In beide gevallen zette Demmink hiertoe zijn dienstauto in. Frank Leenders meldde zich bij GayKrant als ’aangever-getuige’. Bij de Pinocchio-bar herkende de portier Demmink van een aan hem getoonde foto en zei: ‘Ja, die man kennen we wel. Hij komt hier met een dienstauto van de ambassade.‘ Het was ook Fred de Brouwer die van oud-minister van Justitie Hilbrand Nawijn bevestiging van de geruchten over Demmink kreeg. Ironisch genoeg plaatste Nawijn de kanttekening dat Demmink ’letterlijk over lijken ging wat betreft zijn carrière,’ en dat je moest oppassen met voor hem belastende verklaringen: ’voor je het wist was er een remleiding doorgeroest.’
Een anonieme getuige – die naar eigen zeggen op dat moment in een kliniek verbleef vanwege depressies verklaarde – dat Paul de Leeuw, André van Duin en Ed van Tijn kinderen verkracht zouden hebben, en dat hij zelf door Demmink en prins Claus misbruikt was in de ‘martelkamer’ van Salomonson. Robert Mink Kok zou in het bezit zijn van compromitterend foto- en filmmateriaal waarop leden van het Koninklijk Huis, rechters, hoge ambtenaren van Ministerie van Veiligheid en Justitie te zien zouden zijn. Volgens Holtrop werden de criminelen Stanley Hills en Evert Hingst door de Nederlandse geheime diensten geliquideerd omdat ze met het compromitterende materiaal Demmink en anderen chanteerden.
De 59-jarige Micha Kat werd gearresteerd voor opruiing en bedreiging. Medio 2021 is hij in Noord-Ierland opgepakt en hij zat daarna vast, inmiddels in Nederland. Volgens Kat is zijn regime verzwaard omdat hij onder meer audioberichten zou versturen die vervolgens op een website zijn geplaatst. Micha Kat werd in het verleden al meerdere keren veroordeeld voor zijn verzinsels en uitlatingen en ook voor onder meer vernieling en valse bommeldingen. Hij kreeg tien maanden celstraf opgelegd omdat hij hoofdredacteur Marcel Gelauff van de NOS verweet banden te hebben met een netwerk van pedofielen. Recent werd hij in hoger beroep veroordeeld tot zeven dagen celstraf voor meerdere doodsbedreigingen aan het adres van journalist Bart Mos van de Telegraaf.
In november 2012 stelde Pieter Omtzigt Kamervragen over de Demmink-affaire aan de toenmalige ministers van Buitenlandse Zaken (Timmermans) en van Veiligheid en Justitie (Opstelten). In 2013 werd Omtzigt via Sybrand Buma onder druk gezet om te stoppen met vragen stellen over Demmink.
Oud-minister Donner en daarna Hirsch Ballin waarschuwden hem om zich van verdere acties inzake Demmink te onthouden. Omtzigt was benaderd door een voormalig gevangenisdirecteur, die uit eigen waarneming meldde dat een (vroegere) assistente van Demmink ‘bijzonder geërgerd’ was geweest over het feit dat zij voor haar baas afspraakjes had moeten regelen met ‘jonge, minderjarige mannen’. Omtzigt liet rond die tijd in een interview met ThePostOnline weten dat hij ook nog door de Turkse geheime dienst werd geschaduwd.
Omtzigt en zijn collega lieten zich nog steeds niet geheel uit het veld slaan en stelden in oktober 2013 opnieuw Kamervragen over de kwestie. Er waren namelijk uit in- en uitreisgegevens in het onderzoeksdossier waaruit bleek dat Demmink op 20 juli 1996 toch wel degelijk in Turkije was, terwijl steeds bij hoog en bij laag was beweerd dat hij daar nooit was geweest. Dankzij de vastberadenheid van Pieter Omtzigt werd bekend dat de Staat destijds alle advocatenkosten van Demmink betaalde.
De zaak Demmink was ondertussen uitgegroeid tot een internationaal schandaal. Er bleek een stelselmatige weigering van het Nederlandse Openbaar Ministerie om een strafrechtelijk onderzoek in te stellen. Een groep Amerikaanse congresleden beklaagde zich bij de Europese Unie over de manier waarop het Nederlandse ministerie van Justitie de zaak Demmink ter hand had genomen. De vragen gingen over de twee minderjarige jongens die Demmink hadden beschuldigd van verkrachting in Turkije en over een geruststellende brief van de Nederlandse ambassadeur in Washington hierover aan het Amerikaanse Congres.
Omtzigt en Oskam wilden onder meer van het kabinet weten of het waar was wat de ambassadeur had geschreven en of er een grondig onderzoek was gedaan naar de aan het adres van Demmink geuite beschuldigingen. En of het wel klopte dat Demmink helemaal niet in Turkije zou zijn geweest in de periode dat de Turkse jongens zeiden te zijn verkracht. Frans Timmermans van Buitenlandse Zaken en Ivo Opstelten van Justitie antwoordden door te zeggen dat ze volledig achter de brief van de ambassadeur stonden. Dankzij vragen van Omtzigt en Oskam, zou een jaar later blijken dat Demmink wel degelijk in Turkije was geweest in de door de jongens aangegeven periode.
Er bleek toen ook dat het OM zelfs niet eens navraag had gedaan bij de Turkse autoriteiten over de inreisgegevens van Demmink. Hoewel dus van de brief van ambassadeur Rudolf Bekink geen spaan heel bleef, lieten Opstelten en Frans Timmermans weten niet bereid te zijn om aan Bekink te vragen de brief aan de Amerikaanse congresleden te rectificeren. Omtzigt was stiekem nog even doorgegaan nadat Buma hem had opgedragen de zaak Demmink te laten rusten. Dit blijkt ook uit het gesprek dat hij daarna nog met Ottens heeft gevoerd. De derde en laatste keer dat Omtzigt Kamervragen stelde over Demmink was in september 2013.
Ottens bekleedde van 1991 tot en met 2005 diverse directiefuncties op het ministerie van Justitie, en heeft op die manier Demmink persoonlijk leren kennen en ook met hem samengewerkt en hem vergezeld op enkele dienstreizen. Hij verklaart desgevraagd nooit iets te hebben gemerkt van pedoseksuele activiteiten van de toenmalige directeur-generaal. Ottens wist dat Demmink homo was en had van een voorliefde voor minderjarige jongens nooit iets gemerkt. Maar door de getuigenverklaringen bij de rechtbank Utrecht is hij daar later wel van overtuigd geraakt. Volgens Ottens is het ook niet zonder risico je bezig te houden met de zaak Demmink.
Na gesprekken met een aantal van zijn oud-collega’s bij justitie over de zaak Demmink trof hij zijn auto aan met vier lek geprikte banden. Hij deed aangifte en er werd proces-verbaal opgemaakt, maar de politie heeft er verder niks mee kunnen doen. Zeven mensen die zich met de zaak Demmink hebben bezig gehouden zijn daarna een onnatuurlijke dood gestorven. Ottens herinnert zich nog goed hoe Omtzigt hem vertelde dat hij het gesprek met Donner als buitengewoon onprettig had ervaren en het grote indruk op hem had gemaakt. Buma, die sinds 2019 burgemeester is van Leeuwarden, liet eerder via zijn woordvoerder weten geen commentaar te willen geven op het spreekverbod dat hij Pieter Omtzigt zou hebben opgelegd. Uiteindelijk raakte Omtzigt door alle tegenwerking overspannen.
Onder internationale druk startte het Nederlandse Openbaar Ministerie (OM) in 2014 alsnog een strafrechtelijk onderzoek naar Demmink. Dit gebeurde op last van het gerechtshof in Arnhem. Op 20 januari 2014 beval het Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch in een artikel 12 Sv-procedure vervolging van Demmink wegens vermeende verkrachting van de twee Turkse jongens in de jaren ’90. Voor het eerst werden er in het openbaar getuigen gehoord over de pedofiliegeruchten.
Ook het Openbaar Ministerie deed onderzoek, en Demmink werd voor het eerst officieel verdachte. Geruchten over zijn pedofile praktijken samen met prins Claus in het huis van Salomonson werden breed uitmeten in de pers. Het onderzoek leidde echter opnieuw niet tot vervolging. Drie jaar later, op 18 augustus 2017, oordeelde het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden tot niet verdere vervolging. Het onderzoek zou overtuigend hebben aangetoond dat er ten aanzien van de gerezen verdenkingen slechts sprake is van speculaties en veronderstellingen. In een andere zaak in 2014 tegen Andre Beemster, de directeur van Jeugdzorg kreeg het slachtoffer 60.000 euro schadevergoeding van Jeugdzorg, maar Beemster mocht zijn functie behouden. In januari 2014 kwam er alsnog een strafrechtelijk onderzoek naar Demmink.
Omtzigt bleek toen nog allerminst overtuigd van de onschuld van de topambtenaar. Op 5 maart 2014, toen er in het kader van het onderzoek getuigenverhoren plaatsvonden in Utrecht, schreef Omtzigt op Twitter dat Opstelten niet neutraal was omdat hij de kosten betaalde van de rechtszaak die Demmink voerde tegen een AD-journalist wegens smaad. Omtzigt suggereerde daarmee dat er meer aan de hand was, Demmink misschien toch schuldig was en hem de hand boven het hoofd werd gehouden.
Vanaf 2015 liet Omtzigt de Demmink-zaak over aan VNL-Kamerlid Louis Bontes, maar toen die een motie indiende waarin hij de regering verzocht bij Turkije de druk te verhogen om mee te werken aan de rechtshulpverzoeken inzake Demmink, werd die motie weggestemd door de VVD. Mark Rutte zorgde er hoogstpersoonlijk voor dat Omtzigt van het Demmink-dossier werd afgehaald. Omtzigt is gestopt toen Sybrand Buma woest in zijn werkkamer kwam. Want die had van Rutte een opdracht gekregen dat hij moest stoppen met Kamervragen over Demmink, waarna hij het dossier overdroeg aan Bontes.
De Amsterdamse rechtbank liet Joris Demmink, Ivo Opstelten en Fred Teeven getuigen over kindermisbruik in de jaren ’80 en ’90, naar aanleiding van een verzoek van Bart van Well, een ex-prostituee die zegt misbruikt te zijn geweest door Demmink toen hij 15 jaar was. Van Well claimt in 1988 tegen betaling seks te hebben gehad met Joris Demmink. Pas ruim vijftien jaar later herkende Bart hem naar eigen zeggen ineens in een tijdschrift. De inmiddels gepensioneerde Demmink heeft de aantijgingen altijd stellig ontkend. Eerder onderzoek leverde volgens het Openbaar Ministerie geen bewijs op voor misbruik.
Van Well kwam als minderjarige jongen in de jaren ’80 in Amsterdam terecht in een netwerk van kinderporno en prostitutie in Amsterdam. De politie was op de hoogte van die netwerken, maar pakte ze niet aan”, zei Martin de Witte, advocaat van Van Well. De rechtbank in Amsterdam stond niet toe dat media opnames maakten van de verhoren van Joris Demmink en Fred Teeven tijdens het voorlopige getuigenverhoor in de zaak. Fred Teeven ging in beroep tegen de beslissing van de rechtbank, die hem dwong onder ede te getuigen over het Rolodexonderzoek.
In juni 2016 besloot het Openbaar Ministerie om opnieuw niet tot strafvervolging over te gaan en vroeg het hof van Den Haag met de wens niet te vervolgen in te stemmen. Volgens het OM had het twee jaar durende onderzoek geen vermoedens van strafbare feiten opgeleverd. Complicerende factor bij het onderzoek was dat Turkije geen rechtshulp wilde verlenen.
In 2017 meldde een voormalig campagnemedewerker van de Amerikaanse president Donald Trump, Roger Stone, op Twitter dat de gewezen veiligheidsadviseur van Trump, Michael Flynn, in het bezit was van een lijst van praktiserende pedofielen in hogere kringen en dat de publicatie hiervan de nodig stof zou doen opwaaien.
Het hof in Arnhem willigde een verzoek in van het OM om af te mogen zien van vervolging van Demmink wegens een gebrek aan bewijs.
Dit gebeurde overigens nadat de voorzitter van de rechtbank die tot vervolging had besloten, Rob van de Heuvel, vlak voordat hij arrest zou wijzen, om het leven kwam nadat zijn roeiboot toevallig werd overvaren op de Nederrijn bij Huissen. Het Gerechtshof onder voorzitterschap van rechter Rob van den Heuvel had in januari 2014 een onderzoek naar de mogelijkheden van strafvervolging van Joris Demmink gestart. Enkele maanden voor de cruciale zitting kreeg Rob van den Heuvel het bizarre en fatale ongeluk.
In 2018 en 2019 werd Joris Demmink opnieuw genoemd in verband met een seksschandaal. Een 15-jarig meisje beweerde herhaaldelijk te zijn misbruikt, met een mes op haar keel bedreigd, gechanteerd en bezwangerd door haar vader en een groep mannen, onder wie Demmink. Er was door de oma van het kind al eerder aangifte gedaan nadat ze de vader zou hebben betrapt. Ook de broer van het meisje zou zijn gedrogeerd en misbruikt. Medisch onderzoek werd haar bij de aangifte onthouden. De vader is later gehuwd met een Haagse rechter. Hofman bedrijfsrecherche onderzocht de computers en vonden wel degelijk duizenden kinderporno downloads en een programma om netwerken te onderzoeken op wachtwoorden.
In een later politieonderzoek genaamd Waterhoen werd porno aangetroffen van jonge meisjes op de computers van de vader, maar die zouden zogenaamd niet van hem geweest zijn, maar van zijn stagiaire of een boekhouder die was ontslagen. Maar zelfs na het ontslag van de boekhouder was nog ’s nachts op de sexsites ingelogd. Dat zou gebeurd zijn in een bovenkamer van een café in Den haag, in het Nieuwe Scheveningse bos vlak bij haar huis, in de ouderlijke woning en in een kubuswoning in Rotterdam Marlies van Muiswinkel, de moeder van het meisje probeerde via de rechter het OM te dwingen tot vervolging over te gaan en schreef er een boek over.
Maar de rechtbank wees het verzoek af, omdat de verklaring verdacht en niet consistent zou zijn. Twee gynaecologen verklaarden echter dat het misbruikte meisje inderdaad zwanger was geweest. De vrucht zou volgens het meisje in het bos begraven zijn. Speurhonden hebben later in het bos aangegeven dat er iets in de bodem heeft gelegen, waarna pas later ook door de politie onderzoek naar gedaan maar toen werd er niets gevonden. Het meisje is al jarenlang zwaar getraumatiseerd. Twee aangiftes haalden het niet. De oudere zus van het misbruikte kind ontdekte dat de vader op allerlei kindersites als HABO en pornosites stond.
Hij toonde daar interesse voor Gangbangs en droeg vrouwenkleding, maar de man ontkent dit ten stelligste. Hij gebruikte de naam van de oudere zus op allerlei sexsites. De politie trof op de doorzochte computers en harde schijven in eerste instantie echter niets aan en deze werden aan de vader teruggegeven. Minister Grapperhaus maakte er ook nooit werk van. Schrijfster Yvonne Keuls schreef er over en diende tegen een Haagse rechter een aanklacht in.
Volgens Yvonne Keuls werden er in het Paleis van Justitie tientallen jongeren gegeseld die werden opgehaald in kindertehuizen. Thomas van der Ven kinderrechter in Nijmegen werd voor kinderporno veroordeeld, maar verdween spoorslags naar Portugal. De behandelend rechter, Jan Wolter Wabeke wees een artikel 12 procedure in de zaak van het meisje af. Wabeke was zelf eerder verdachte en dus niet bepaald onpartijdig. Het radioprogramma Argos kreeg een foto in handen Van Demmink bij voormalig hoofdofficier van justitie Wabeke thuis in Best. Wabeke streed met Henk Krol sinds de jaren tachtig voor de totstandkoming van het homohuwelijk.
Niet alleen dorpsgenoot Henk Krol maar ook Adrianus Marinus Kyvon (alias Andre van Duin) waren bevriend met Wabeke. In februari 2023 werd Adrianus Marinus Kyvon plotseling met de zaak gechanteerd. Kyvon deed hiervan aangifte. (André van Duin werd geboren onder de naam Adrianus Marinus Kloot. (In 1966 werd dat per Koninklijk besluit verandert in Kyvon).
Op 8 december 2018 maakte een andere uitzending van het programma Argos ook veel los in Nederland. Deze ging over ‘ritueel kindermisbruik’. Minister van Justitie Ferdinand Grapperhaus antwoordde op Kamervragen dat hij geen aanleiding zag voor nader onderzoek naar de aard en omvang van deze vorm van kindermisbruik in Nederland. Een klokkenluider uit de recherchewereld vertelde over “een groot pedofielennetwerk In Den Haag”, waarin niet alleen Demmink, maar “veel meer hoge ambtenaren en politici betrokken zouden zijn”. De zaak werd echter nooit bewezen. Omtzigt zag het met lede ogen aan en mocht zich verder nergens meer over uitlaten, waarna hij overspannen werd en sindsdien nooit meer helemaal herstelde.
Edward Brongersma, een Nederlands politicus, advocaat, rechtsgeleerde en criminoloog, namens de PvdA was van 1946 tot 1950 en van 1963 tot 1977 lid van de Eerste Kamer der Staten-Generaal en was een groot voorstander en promotor van pedofilie.
De rechtbank Rotterdam heeft 4 december 2024 de 56-jarige Huig Plug uit Katwijk vrijgesproken van doxing. Het Openbaar Ministerie (OM) had een celstraf van twee maanden geëist tegen de complotdenker in een van de eerste strafzaken over doxing: het opzettelijk delen van persoonsgegevens met het doel iemand te intimideren. De Katwijker deelde eind december vorig jaar op X de persoonsgegevens van Demmink. Dat gebeurde tijdens een lopende strafzaak tegen Kamerlid Gideon van Meijeren van Forum voor Democratie. Eric Nijman, de baas van alle gevangenisdirecteuren deed aangifte tegen Plug namens Monique de Bont (hoofd verpleging gevangenisziekenhuis JCvSZ), Kelly Buijs (afdelingshoofd verpleging JCvSZ), Hester van der Sar (directeur PI de Schie) & zichzelf.
De rechtbank oordeelde dat doxing in deze zaak niet is bewezen. ‘De berichten werden op X gezet vóór de invoering van de wet die doxing strafbaar stelt per 1 januari 2024. Het niet verwijderen van de berichten na deze datum kan niet worden gezien als strafbare verspreiding van de gegevens‘, stelt de rechtbank. Plug werd op 31 januari 2025 aangehouden en zat een dag vast in een Rotterdamse politiecel. De politie doorzocht zijn huis en nam een computer in beslag en verwijderde daarmee de berichten.
Ook een vrouw van 54 uit Uithoorn werd gearresteerd na een aangifte door Demmink.Op woensdag 31 januari 2024 werd Plug door een geheime eenheid tijdens het spitsuur in een rijdende trein gearresteerd. Hij werd geboeid afgevoerd naar het Rotterdamse hoofdbureau van politie Doelwater. Opvallend is dat er in deze zaak drie jonge meisjes, een advocaat, een Turkse officier van Justitie, een hoofdcommissaris van de politie, een chauffeur en de vrouw van Stolk het leven zouden hebben gelaten. Bronnen: Topambtenaren in pedonetwerk , De Wabeke Papers, Runderkamp Papers, Rolodexonderzoek, Richard Carl Samsom, Reconstructie Rolodexonderzoek, Samenvatting rolodexonderzoek en inventarisatie, Informatievoorziening m.b.t. het rolodexonderzoek, Verdwijning Manuel Schadwald, De aangiften van verkrachting en seksueel misbruik, De feiten over Hüseyin Baybasin, De zaak Baybasin, De moord op Joyce Labruyere, Affaire Fons Spooren, Getuige ‘Bart’, Schikkingen door Justitie met slachtoffers, Slachtoffer Mustafa Y. Video verklaring Politieman Mehmet Korkmaz, Aangifte tegen Ivo Opstelten, Aangifte Mustafa Y.
29 juli 2025 plaatste Plug een bericht op X waarin hij claimde dat de meervoudige kamer van de rechtbank in Breda hem heeft veroordeeld op basis van “valse aangiftes” van topambtenaren, waaronder secretaris-generaal Dick Schoof.
Een leidinggevende bij het Openbaar Ministerie, van het parket Oost Nederland De man (51) uit Doetinchem werd al in oktober 2024 aangehouden na een tip over het bezit en de handel in harddrugs, maar het voorval werd binnenskamers gehouden. Bij huiszoeking werd een omvangrijke verzameling beelden van seksueel kindermisbruik aangetroffen, waaronder ongeveer 46.000 afbeeldingen en meer dan 450 video’s. Uit het onderzoek blijkt dat een deel van dit materiaal door de verdachte is gedeeld met vrienden en moedigde een vriend aan om ontucht te plegen met diens pleegkinderen. Die vriend is met zijn partner aangehouden op verdenking van ontucht en de pleegkinderen zijn uit het gezin weggehaald. Ook werd bij hem circa 150 milliliter GHB aangetroffen. De verdachte moest zich op 10 april 2026 om 13.30 uur verantwoorden voor de rechtbank in Den Haag, die hem veroordeelde tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 24 maanden (2 jaar) voor het bezitten en verspreiden van de kinderporno en het in bezit hebben van GHB. De officier van justitie had op de zitting een lagere celstraf van 30 maanden (2,5 jaar) geëist. De man werd schuldig bevonden aan het bezit van kinderporno (periode 2021–2024), het verspreiden van kinderporno (periode 2014–2018) en het bezit van de harddrugs GHB. De aangetroffen 46.200 foto’s en 472 video’s betroffen minderjarige jongens in de leeftijd van 8 tot 14 jaar. De rechtbank rekende het de man zwaar aan dat hij als leidinggevende bij het Openbaar Ministerie een absolute voorbeeldfunctie had. Met zijn daden heeft hij het maatschappelijk ontzag voor en het vertrouwen in het OM ernstig beschadigd. Daarnaast nam de man geen verantwoordelijkheid en schoof hij de schuld af op externe factoren. Hij claimde dat hij de kinderporno mogelijk “per ongeluk” had gedownload tijdens een donkere periode in zijn leven. De rechter veegde dit verweer van tafel en noemde het “zeer onwaarschijnlijk” dat iemand per ongeluk zo’n enorme hoeveelheid materiaal downloadt die allemaal binnen exact dezelfde specifieke categorie valt.
Rechter Cornelis Stolk en seriemoordenaar Koos Hertogs
In 1980 nam de pedofiele rechter commissaris Chris Stolk de toen dertigjarige kinderseriemoordenaar Koos Hertogs (16/12/1949) in bescherming. Over Cornelis Stolk zegt hij, dat hij hem al kende sinds begin jaren zeventig. Toen was Stolk de rechter die hem een straf oplegde. Tijdens deze detentie ontstond het intense contact tussen Hertogs en Stolk. Het was toen dat hij de rijlessen kreeg en naar eigen zeggen tijdens het examen ‘een paar simpele oefeningen moest doen en een kenteken oplezen’, waarna hij was geslaagd. Ook had Stolk een gratieverzoek ingediend toen Hertogs weer eens vast kwam te zitten.
Bij een andere arrestatie vertelde Hertogs tegen Stolk dat hij schuldig was, maar ondanks dat sprak Stolk hem vrij. Een medeverdachte kreeg wel straf. Hertogs groeide op in een gezin van zeventien kinderen aan de Jan Steenstraat in de Haagse Schilderswijk en vermoorde 8 tot 16 kinderen en werd er slechts voor 3 veroordeeld tot levenslang. Hij eindigde in EBI in Vught waar hij in de long stay kwam te zitten. Zijn moeder was schoonmaakster in een bordeel en zijn vader was straatventer en alcoholist. Zijn moeder droeg hem op te gaan stelen. Volgens Hertogs werd hij vernederd door haar omdat hij ongewenst was.
Hij ging van internaat naar internaat en kreeg zelfs jeugd TBS. Tussen zijn vijftiende en 30e werd hij voor zo’n vijftig delicten veroordeeld, waaronder roofovervallen, poging tot doodslag en vuurwapenbezit. In 1973 werd hij onderzocht door een psychiater en omschreven als een psychopaat die in een narcistische schijnwereld leeft, zonder schuldgevoel en een gevaar voor de openbare orde. Hertogs werd een sexclubportier en werkte daarvoor geruime tijd als schandknaap. Bij een van zijn veroordelingen kreeg hij Cornelis Stolk als rechter. Stolk bezocht Hendriks in de gevangenis en liet een rijschoolhouder die politieagent was hem tijdens zijn detentie rijlessen geven en een rijbewijs halen in ruil voor seksuele diensten. Hij zorgde er ook voor dat Hertogs een advocaat en een psychiater kreeg waarmee hij vroegtijdig vrij kwam waardoor deze de kindermoorden kon plegen.
Stolk kwam zelf op de woning met martelkamer aan de Zuidwal. De psychiater (Liane Latour) was een bevriende onderbuurvrouw van Stolk. Hertogs vermoorde in vijf jaar tijd Tialda Visser (12),Edith Post(11), Emy den Boer (18) en hoogstwaarschijnlijk ook Anita Porthuis, Marjo Winkens (17), Riky Bartels en twee Zweedse meisjes Ann Jonsson (18) en Gun Johansson (19). Alle slachtoffers liepen steek en/of schotwonden op en werden ontdaan van hun oorringen die Hertogs bewaarde. Hendriks had aan de Zuidwal in Den Haag een martelkamer boven zijn woning en vermoorde daar zijn jonge slachtoffers nadat hij ze eerst gevangen liet, bedwelmde met chloroform, martelde en seksueel misbruikte.
De rechter die regelmatig naar Thailand ging voor seksvakanties om daar jonge jongetjes te misbruiken werd nooit serieus vervolgd en stierf op 10 juli 2004. Hendriks heeft nooit bekend en volgens zijn door Stolk geregelde advocaat Duynstee, die van de uitspattingen van rechter Stolk op de hoogte was, zou Hendriks er nooit over gesproken hebben. Stolk verving de oorspronkelijke advocaat van Hendriks omdat die loslippig was over zijn seksuele uitspattingen met Hendriks. Advocaat Generaal H. Feber zocht Hendriks in de Bijlmerbajes in zijn cel op samen met twee BVD mensen en zou Hendriks in zijn cel bedreigd hebben Feber zei dat hij zijn mond moest houden over de relatie met Stolk en zei hem letterlijk dat hij door de geruchten die nu op gang kwamen met één been in het graf stond.’ Volgens Hertogs werd hij niet lang daarna uit zijn cel gehaald voor een telefoontje.
Dat telefoontje kwam er niet, maar toen hij terug in zijn cel kwam waren alle brieven die hij ooit van Stolk had ontvangen weg. De inmiddels overleden journalist Sytze van der Zee schreef een boek over Koos Hertogs; “Zuidwal, dossier van een Nederlandse seriemoordenaar”. Een van de twee Haagse rechercheurs die op de zaak waren gezet ging er uiteindelijk zelf aan onderdoor. Hertogs wordt uiteindelijk in 1981 tot in hoger beroep tot levenslang veroordeeld voor drie van de moorden, hoewel hij verdacht wordt van ruim zestien moorden. Als bewijs was een bijtwond in zijn pink door Emy, de oorringen, de gevonden chloroform, gevonden bloed en haren van zijn slachtoffers.
Hertogs, die desondanks altijd volhield onschuldig te zijn, legde enkele jaren geleden ‘een deelbekentenis’ af, die hij herhaalde in de met een verborgen camera opgenomen reportage die in 2010 werd uitgezonden in het programma van Peter R. de Vries. Deze deelbekentenis had de kindermoordenaar gedaan om te worden opgenomen in een TBS kliniek, waardoor hij zijn straf (voorlopig) niet meer in de gevangenis hoefde uit te zitten. Peter benaderde een jeugdvriend van Hendriks Nico van Empel, een fraudeur die zich schuil hield in Thailand met een vrouw en twee kinderen en liet hem een brief naar de EBI sturen om zo Hertogs een bekentenis te ontlokken.
Peter R. de Vries heeft op de Nederlandse televisie beelden van Koos Hertogs enigszins verhuld uitgezonden na een verbod van de rechter om dat in zijn geheel te doen. De Vries liet Van Empel met een verborgen camera opnamen in de cel van Koos Hertogs maken. Van Empel bezocht Hertogs acht keer. Tijdens deze ontmoetingen bekende Hertogs dat hij vanwege door zijn persoonlijkheidsstoornis meisjes wilde misbruiken en dat hij nog meer drugs ging gebruiken om dit te onderdrukken, maar dat hem dat niet lukte. Hij zei dat zijn eerste moordslachtoffer Tialda Visser was. Bij zijn bekentenissen zei Hertogs kennis te hebben van de moord op twee Zweedse meisjes in de Belgische Ardennen. De Belgische recherche kwam hem daarover ondervragen in 1989. De meisjes werden in 1976 doodgeschoten en in de Ardennen teruggevonden.
De Zweedse toeristen waren de dag tevoren nog in een club geweest waar Koos Hertogs portier was. Volgens Hertogs heeft hij de moorden op de Zweedse meisjes niet gepleegd, maar wist hij wel wie het wel had gedaan. Tegen Van Empel en op de in het geheim opgenomen beelden bekende Hertogs de andere moorden uitgebreid en gaf daarbij gruwelijke details over de misdrijven. Van Empel was niet alleen een jeugdvriend maar had ook samen met Hertogs in de gevangenis gezeten en had hem zelfs een keertje geholpen om te ontsnappen. Hendriks, die in 2015 overleed stuurde zelf ook een brief aan Stolk, Van Asperen met de vraag waarom hij hem niet opnieuw had geholpen om vrij te komen.
Hertog vriendin Ingrid heeft nooit veel meer losgelaten dan dat Hertogs tijdens hun vrijpartij met haar naar zijn in de martelkamer gevangen slachtoffer moest om deze het zwijgen op te leggen. Hertogs moest wel steeds een ‘wederdienst’ doen voor alles wat Stolk voor hem deed. ‘Stolk wilde orale seks. Dat gaf hij hem. Hij zich ervoor te schamen, maar het heeft hem vaak geholpen. In ruil voor zijn diensten werd hij vrijgesproken en hielp hij hem.’ Volgens Hertogs koos Stolk juist hem uit, omdat hij zijn dossier kende en wist dat hij vroeger seksuele diensten aan mannen verleende voor geld in Amsterdam. Hertogs zorgde ook voor kinderporno-materiaal met jongetjes voor hem.
Toen Hertogs zijn eerste moord had gepleegd, wilde hij zichzelf aangeven en vertelde dat aan Stolk. Hij merkte aan zijn reactie dat hij erg schrok en het niet zag zitten dat hij zich vrijwillig zou laten opnemen, maar ging toch naar het detentiecentrum om zich te melden. Daar werd hij echter afgewimpeld. Toen durfde hij niet meer en is hij weggegaan. De laatste ontmoeting met Stolk was volgens Hertogs in de rechtszaal toen hij veroordeeld werd voor de drie moorden. ‘Het laatste wat hij van Stolk had gezien was in de rechtszaal. Hij zat achterin en knikte veelzeggend naar me. Zo van: het komt wel goed. Daarna heeft hij Stolk niet meer ontmoet.
In 1991 werd het dode lichaam van de 41 jaar oude kinderarts Joyce Labruyere uit Hummelo gevonden. Het recherchebijstandsteam (RBT) van de rijkspolitie district Nijmegen arresteerde hiervoor vijf maanden later een 39-jarige inwoner uit Den Bosch. De man werd al enige tijd verdacht van de moord op de kinderarts, maar was lange tijd onvindbaar voor de politie. Eerder werden in deze zaak al vier Arnhemmers aangehouden. verdween op donderdagavond 21 februari.
Joyce Labruyere zou op familiebezoek gaan in Hoofddorp, maar kwam daar nooit aan. Getuigen zeiden dat zij haar een dag, later nog in Hummelo gezien hadden. Haar auto werd twee dagen later uitgebrand in Ubbergen bij Nijmegen gevonden waarna enkele weken later haar lichaam in de Maas werd aangetroffen. In de weken dat ze vrouw zoek was werd met haar giropas en pincode geld opgenomen in Oss. Dat werd ook geprobeerd in Arnhem, maar daar mislukten de pogingen. Wel kochten een man en een vrouw in Arnhem voor duizenden guldens stereo-apparatuur en een televisie, die zij met cheques van de Labruyere betaalden.
De Arnhemmers worden ervan verdacht bij deze aankopen betrokken te zijn geweest. 3 juni 1997 sprak het gerechtshof in Den Bosch de verdachte vervroegd vrij. Er was elf dagen geleden vijftien jaar gevangenisstraf geëist, dezelfde straf die het hof in Arnhem hem in 1994 oplegde. De Hoge Raad vernietigde het Arnhemse arrest deels en verwees de zaak naar het hof in Den Bosch, die hem vrijgesprak wegens gebrek aan bewijs. Aan een bevriende crimineel zou de verdachte hebben verteld dat hij de kinderarts had gedood. Mede op grond van de getuigenis van deze man was hij veroordeeld. Volgens de voorzitter van het rechtscollege heeft het Hof de betrouwbaarheid van de getuige niet voldoende kunnen toetsen.
In cassatie bepaalde de Hoge Raad dat er smetten kleefden aan de wijze waarop de getuige anoniem was gehoord omdat hij bedreigd zou zijn. Procureur-generaal mr. A. Franken vond dat met nieuwe verhoren van de anonymus deze fout was “gerepareerd”. Zij meende dat er voldoende bewijs was voor de doodslag. Advocaat mr. G. Knoops voerde onder meer aan dat de getuige zichzelf vaak heeft tegengesproken en dat de beloning van 24.000 gulden voor de man na de veroordeling van de Bosschenaar de getuigenis nog onbetrouwbaarder maakt. Hij vroeg het hof om vrijspraak voor zijn cliënt, die al 3,5 jaar in voorarrest zat.
In 1994 werd een speciaal politieteam opgericht, het HIK-team (Handel In Kinderen). Het team werd in eerste instantie opgericht om het vermiste Duitse jongetje Manuel Schadewald op te sporen die vermoedelijk in het prostitutiecircuit in Rotterdam was beland. Het HIK-team stuitte daarbij op een escort-club voor jonge jongens, beheerd door de Duitser Lothar G. Deze G. stond aan het hoofd van een netwerk in handel en seks met minderjarige jongens. Niet alleen in zijn pand werden jongens seksueel misbruikt, maar ook in een privé-huis in een van de kubuswoningen. Daarnaast stuurde G. vaak kinderen op escort naar een klant op diens adres. Vanuit Polen werden jongens gesmokkeld naar Nederland met medewerking van een Nederlandse topambtenaar. Een reconstructie aan de hand van afgetapte telefoongesprekken, processen-verbaal en aantekeningen van de politie liet zien hoe in Nederland mannen minderjarige jongens bestellen voor seks en hoe nieuwe jongens via vriendjes die al in het circuit zitten worden geronseld. Lothar G. werd veroordeeld tot vijfeneenhalf jaar gevangenisstraf.
Pedofielennetwerk Martijn
In dezelfde periode ontstond ook de Vereniging Martijn. Een Nederlandse vereniging die streefde naar wettelijke en maatschappelijke acceptatie van seksuele relaties tussen volwassenen en kinderen. Op 27 juni 2012 heeft de rechtbank in Assen de vereniging op verzoek van het openbaar ministerie verboden verklaard en ontbonden. Op 2 april 2013 werd de beschikking tot ontbinding door het gerechtshof in Leeuwarden in hoger beroep echter vernietigd. Op 18 april 2014 vernietigde de Hoge Raad op zijn beurt de beschikking van het hof uit 2013 in cassatie en bekrachtigde de beschikking van de rechtbank in Assen, waardoor de vereniging alsnog definitief verboden werd.
De pedofielenorganisatie werd in 1982 in Hoogeveen opgericht. Het oorspronkelijke idee was afkomstig van een man bekend als ‘Theo’, toen Martijn met hem in de gevangenis zat wegens een zedendelict in ‘s-Hertogenbosch. Tijdens het uitzitten van zijn straf kwam hij zo op het idee om een vereniging of stichting te beginnen om pedofielen, die hetzelfde meemaakten of meegemaakt hadden als hij, middels een publicatie bij elkaar te brengen.
Nog vanuit de gevangenis begon hij met het uitgeven van het blad Martijn (de voorloper van OK magazine, niet te verwarren met het gelijknamige Engelstalige glossyblad). Het blad werd in elkaar gezet door drie vrienden in Hoogeveen. Nadat Theo afhaakte, werd er een nieuwe club gevormd door het initiatief van iemand die bekendstaat als ‘Duif’. Uiteindelijk leidde dit in november 1982 tot officiële registratie van de vereniging. De vereniging was dus vernoemd naar het blad Martijn. Marthijn Uittenbogaard, medeoprichter en voorzitter van de Partij voor Naastenliefde, Vrijheid en Diversiteit (PNVD) was diverse jaren bestuurslid bij Vereniging MARTIJN. Uittenbogaard is een aantal keer thuis geweest bij de hoofdverdachten in de schokkende Amsterdamse kinderpornozaak, van Roberts Miķelsons en Richard van Olfen. Van Olfen was kort lid van Martijn en zat in de redactie van het verenigingsblad.
Van Olfen kreeg 4,5 jaar, na een eis van 12 jaar. Zijn echtgenoot Mikelsons misbruikte tientallen (zeer) jonge kinderen en legde veel van dit misbruik op beeld vast. Roberts kon gedurende de drie jaar dat hij op het kinderdagverblijf Hofnarretje werkte, ongestoord kinderen misbruiken. Het gerechtshof in Amsterdam veroordeelde Mikelons (30)hiervoor in april 2013 tot 19 jaar cel en tbs met dwangverpleging. Volgens het hof pleegde ook Van Olfen ontucht met een 15-jarige jongen en was hij in één geval medeplichtig aan kindermisbruik door zijn Mikelsons en had hij kinderporno in zijn bezit. Het hof sprak Van Olfen vrij van het medeplegen van en medeplichtigheid aan het misbruik van een reeks kinderen op oppasadressen. Roberts Mikelsons en Richard van Olfen traden in 2004 in het huwelijk.
De mannen hadden elkaar via internet leren kennen. Roberts Mikelsons geboren in Letland, werd in Duitsland veroordeeld wegens het verspreiden van kinderpornografie. Daarna heeft Van Olfen hem naar Nederland gehaald. Mikelsons trok bij hem in. Tijdens het proces bleek dat Mikelsons zijn wederhelft vooral heeft gebruikt als vehikel om zich in Nederland staande te kunnen houden en zich in een positie te manoeuvreren die hem in staat stelde systematisch kinderen te misbruiken. Mikelsons werkte enkele jaren in diverse kinderdagverblijven en fungeerde in zijn vrije tijd als privé-oppas.
Roberts liet een andere man tegen betaling een kind misbruiken. De 37-jarige man uit Amstelveen heeft toegegeven 50 euro te hebben betaald om samen met hem een baby te misbruiken in diens woning. Eerder werd al bekend dat Mikelsons met twee andere mannen kinderen zou hebben misbruikt. Naast de Amstelvener was dat een inmiddels overleden Engelsman. Hij zou zich met Mikelsons aan vier kinderen hebben vergrepen.
Met een man uit Dinteloord waren er ontmoetingen die mogelijk hadden moeten leiden tot misbruik. Deze verdachte heeft inmiddels zelfmoord gepleegd. Edwin R., een 39-jarige medewerker op kinderdagverblijf Het Hofnarretje, werd ook verdacht van webcamseks met minderjarigen en het bezit van kinderporno. Hij werd op 3 maart 2011 onder voorwaarden in vrijheid gesteld en uiteindelijk niet vervolgd, omdat het Openbaar Ministerie verwachtte dat de duur van een eventueel opgelegde gevangenisstraf korter zou zijn dan de tijd die hij in voorarrest had doorgebracht. Mikelsons heeft kinderporno met een groot aantal mensen uit de hele wereld gedeeld.
Een behoorlijk aantal van hen is inmiddels opgepakt door de lokale autoriteiten. Hij heeft inmiddels bekend 87 kinderen te hebben misbruikt. Sommige kinderen gebruikte hij slechts een keer, anderen werden tientallen keren slachtoffer. Van in ieder geval 35 van deze kinderen heeft Mikelsons volgens het Openbaar Ministerie kinderporno gemaakt. Zij zijn te zien op de honderden foto- en videobestanden die bij de verdachte zijn aangetroffen. Richard van Olfen(38) heeft Roberts actief geholpen bij het misbruiken van kinderen. Van Olefen zou glijmiddel hebben gekocht voor Mikelsons en speciale zakjes waarmee hij dat kon meenemen naar oppasadressen en de crèches waar hij werkte.
Ook bracht hij Mikelsons vaak naar oppasadressen, terwijl Van Olfen wist dat hij daar kinderen zou misbruiken. Verder zou Van Olfen zijn echtgenoot hebben geholpen met het vinden van werk op kinderdagverblijven of als oppas. Dat deed hij onder meer door advertenties op te hangen. Hij betaalde ook diens opleiding tot sociaal-pedagogisch werker. Van Olfen zou ook regelmatig naar de kinderporno van zijn man hebben gekeken. Wanneer Mikelsons andere mannen uitnodigde om kinderen te misbruiken, zou hij niet hebben ingegrepen, maar hun woning hebben verlaten. De twee leerden elkaar in 2001 kennen via een chatsite voor pedofielen.
M. woonde toen nog in Letland, waar hij vandaan komt. Van O. zou hem naar Nederland hebben gehaald nadat M. in Duitsland tot een jaar voorwaardelijke celstraf was veroordeeld voor het in bezit hebben en verspreiden van kinderporno. Ze gingen toen dingen doen die M. leuk vond, zoals het bezoeken van zwembaden om naar kinderen te kijken. In maart 2021 werd bekend dat het Openbaar Ministerie Uittenbogaard ging vervolgen voor het voortzetten van Vereniging MARTIJN, na aangiften van Stichting Strijd Tegen Misbruik. Uit de website bleek dat de leden zich vooral richtten op seksuele relaties en contacten met kinderen, die wettelijk verboden zijn in onder andere Nederland en België.
Op deze website werden in 2007 foto’s geplaatst van Prinses Amalia (dochter van Willem Alexander en Maxima) en van Anna en Lucas (de kinderen van prins Maurits en prinses Marilène). De ouders van deze kinderen spanden hier een kort geding tegen aan en wonnen de zaak. In september 2010 deed justitie huiszoeking bij Ad van den Berg, de voorzitter van de vereniging . Deze bevestigde aan een journalist dat er inderdaad kinderporno op zijn in beslag genomen computers stond, maar hij beweerde dat hij dit voor wetenschappelijke doeleinden had. In maart 2011 bleek na uitgebreid onderzoek dat er een grote hoeveelheid kinderporno gevonden was.
Meer informatiedragers werden in beslag genomen toen Van den Berg werd gearresteerd op 29 maart 2011. Op 4 oktober 2011 werd tijdens de rechtszaak tegen Van den Berg vier jaar celstraf geëist, waarvan acht maanden voorwaardelijk met een proeftijd van vijf jaar. Hij zou 150.000 foto’s en 7500 video’s met kinderporno in bezit gehad hebben, waarvan 12.000 foto’s waar hij zelf ook op stond. De officier van justitie noemde de foto’s “zeer schokkend”.
De rechtbank veroordeelde hem op 18 oktober 2011 tot drie jaar gevangenisstraf, waarvan zes maanden voorwaardelijk. In hoger beroep werd de dagvaarding vreemd genoeg gedeeltelijk nietig verklaard omdat de tenlastelegging onvoldoende feitelijk omschreven was. Ook achtte het gerechtshof het bezit van de kinderporno gedurende een kortere periode bewezen dan de rechtbank. De straf werd daarom omgezet in twee jaar cel. Het Ministerie van Veiligheid en Justitie oordeelde op 18 juni 2011 dat de activiteiten van de vereniging niet strafbaar zijn onder Nederlands recht. Hoewel er individuele leden van de vereniging verdacht worden van, dan wel veroordeeld zijn voor, strafbare zaken zouden de strafbare feiten niet gepleegd worden in het kader van werkzaamheden voor de vereniging.
Derhalve was er geen mogelijkheid om de vereniging te vervolgen, te verbieden of te laten ontbinden. RTL Nieuws onthulde hierna dat acht (ex)-bestuursleden veroordeeld zijn wegens zedendelicten. De Tweede Kamer debatteerde na het zomerreces van 2011 over een verbod van de vereniging, naar aanleiding van een burgerinitiatief van Henk Bres. Eind 2011 verzocht het OM de civiele rechter om verbod van de vereniging Martijn. Op 27 juni 2012 leidde deze procedure ertoe dat de vereniging Martijn door de rechtbank in Assen werd verboden. De rechter constateerde dat Martijn seksuele relaties tussen volwassenen en kinderen verheerlijkt, en beschouwde dit als een fundamentele inbreuk op de rechten van het kind. Op 3 juni 2012 heeft Vereniging Martijn via haar advocaat Bart Swier aangekondigd in hoger beroep te willen gaan. Bij beschikking van 2 april 2013 vernietigde het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden de beschikking van de rechtbank Assen en verwierp het alsnog het verzoek van het Openbaar Ministerie om de vereniging te ontbinden.
Op 5 maart 2014 publiceerde de advocaat-generaal een advies aan de Hoge Raad om de vereniging alsnog te verbieden. De Hoge Raad heeft dit advies op 18 april in zijn uitspraak overgenomen. Ad van den Berg, Marthijn Uitenbogaard, Norbert de Jonge, Edward Brongersma, Eerste Kamerlid PvdA Anton Dautzenberg en predikant Hans Visser waren leden van de vereniging. De gevangenisstraf van Robert Miķelsons zit erop. Hij werd in 2023 overgeplaatst naar een tbs-kliniek zonder dat de ouders van de slachtoffers daarvan op de hoogte zijn gebracht door het Openbaar Ministerie.
Op 7 juli 2025 is er een zitting waarin de rechter beslist over een mogelijke verlenging van de tbs-behandeling van de zedendelinquent. Het gerechtshof veroordeelde M. in april 2013 tot een gevangenisstraf van negentien jaar en tbs met dwangverpleging voor het seksueel misbruiken van tientallen zeer jonge kinderen. Hij valt onder de oude regeling voorwaardelijke invrijheidsstelling, waardoor hij na tweederde van zijn straf kon starten met zijn tbs-behandeling. Een rechter toetst iedere twee jaar de noodzaak van de behandeling en of dat moet plaatsvinden onder dwangverpleging. Er zit geen maximale tijdsduur aan een verblijf in een tbs-kliniek.
Het komt er op neer dat Robert Mikelson al twee jaar in de tbs zit, zonder dat de buitenwereld hiervan op de hoogte was. Het Openbaar Ministerie lijkt in te zien dat ze hiermee een fout hebben gemaakt. Op 7 juli was hij voor het eerst weer in het openbaar in de rechtszaal waar een rechter moest oordelen over de verlenging van zijn behandeling. De rechter moet elke twee jaar opnieuw beslissen of zijn tbs verlengd moet worden op basis van een advies van gedragsdeskundigen van de kliniek. Die vertellen of de behandeling werkt, of M. nog gevaarlijk is en of hij kan terugkeren in de samenleving. De behandelaars van M. hadden geadviseerd om de tbs te verlengen.
Een deskundige in de rechtbank vertelde dat Robert M. een pedoseksuele stoornis heeft. Daarnaast heeft hij een persoonlijkheidsstoornis met narcistische en antisociale trekken. Ook vertoont hij tekenen van autisme. Het risico op herhaling als hij op vrije voeten komt, is volgens deskundigen hoog.
Voor slachtoffers en ouders van slachtoffers was het vandaag een spannende en beladen dag, zei advocaat Richard Korver in de aanloop naar de zitting. Het is de eerste verlengingszitting sinds de veroordeling. Sommige slachtoffers en hun ouders waren bij de zitting. Zij konden de zaak in een aparte zaal via een videoverbinding volgen. Hoe het nu met de slachtoffers gaat, is heel wisselend, zegt advocaat Korver. “Er zijn kinderen met wie het goed gaat, maar er zijn ook kinderen met wie het niet goed gaat. Het is een vrij wisselend beeld.” Niet alle slachtoffers weten dat zij door M. zijn misbruikt. “Sommige ouders hebben ervoor gekozen om dat niet te delen met hun kind.”
De slachtoffers of hun ouders hadden vandaag niet de mogelijkheid om het woord te nemen in de rechtbank. Bij aanvang van de zitting vertelde de rechter dat spreekrecht in dit soort tbs-verlengingszaken er alleen is als de veroordeelde zich buiten de tbs-kliniek mag begeven of als de tbs deels beëindigd zou worden. Dat is bij Robert M. niet het geval. Robert M. was zelf ook aanwezig in de rechtbank. Hij had een pruik op om minder herkenbaar te zijn vanwege bedreigingen. M. is het eens met de diagnoses die deskundigen hebben gesteld. Hij zei dat hij in het begin van zijn behandeltraject is. De advocaat van M. zei in de rechtbank dat Mikelson zich niet verzet tegen een verlenging van de tbs. De tbs-behandeling van Robert Mikelson wordt verlengd. Dat heeft de rechtbank besloten.

Laat een reactie achter