Advertisement

Het failliet van justitie

De Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) voert namens de minister van Justitie en Veiligheid straffen en vrijheidsbenemende maatregelen uit die door de rechter zijn opgelegd. Ondanks 50 locaties verspreid over het land en een personeelsbestand van 16.000 medewerkers is het systeem vastgelopen. Jaarlijks stromen er ruim 30.000 nieuwe justitiabelen in. De insluiting vindt plaats in verschillende soorten inrichtingen. Er zijn gevangenissen en huizen van bewaring voor volwassenen, die penitentiaire inrichtingen (PI) worden genoemd. Er zijn ook speciale inrichtingen voor jongeren; Justitiële Jeugdinrichtingen (JJI). Voor (tbs-)patiënten zijn er forensische psychiatrische centra (FPC) en voor vreemdelingen maakt DJI gebruik van detentiecentra (DC).

Sinds 15 juli 2025 is in Nederland de zogeheten eindverlofregeling van kracht, waardoor gevangenen met een straf van maximaal een jaar vervroegd de gevangenis mogen verlaten. Al sinds eind vorig jaar worden gevangenen aan het einde van hun straf eerder vrijgelaten vanwege hetzelfde probleem, maar toen bleef dit beperkt tot maximaal vijf dagen. De regeling was bedoeld als tijdelijke oplossing om overbevolking in gevangenissen te beperken en om het personeelstekort op te vangen. Alleen gedetineerden met korte straffen komen hiervoor in aanmerking.  Nu komen gedetineerden alleen in aanmerking voor eerdere vrijlating als ze een gevangenisstraf van korter dan een jaar hebben gekregen. Als er tekorten blijven bestaan wordt overwogen om ook die termijn op te rekken. Gevangenen die een straf hebben tot twee jaar zouden dan eerder vrijgelaten worden. 

In februari van 2025 maakte het Openbaar Ministerie (OM) bekend dat het de inzet van de strafbeschikking aanzienlijk wil intensiveren. Deze stap is ingegeven door het huidige cellentekort en de ‘code zwart’ die al enige jaren voor het Nederlandse gevangeniswezen geldt. Het OM wil met deze koerswijziging de strafbeschikking optimaal benutten en tegelijkertijd het aantal dagvaardingen terugdringen. Op deze manier verwacht het OM niet alleen bij te dragen aan het verlichten van het cellentekort, maar ook aan het verminderen van de druk op de krappe zittingscapaciteit binnen de rechtspraak. 

Meer gedetineerden worden overdag vrijgelaten en zij mogen met een enkelband, buiten de gevangenismuren werken. In de avond moeten ze dan weer terug komen om in de cel te slapen. Kortgestraften krijgen door tijd- en mankrachtgebrek minder begeleiding bij de terugkeer in de samenleving. 

Eerder zei de Dienst Justitiële Inrichtingen, die verantwoordelijk is voor de gevangenissen, dat er naast maatregelen ook honderden miljoenen euro’s per jaar nodig zijn om ervoor te zorgen dat iedereen wél helemaal zijn of haar straf kan uitzitten. Het kabinet heeft daarna 75 miljoen euro hiervoor begroot.

Taakstraffen en enkelbanden moeten voorlopig nog het cellentekort verminderen. Uit onderzoek blijkt dat bij de inzet van een enkelband aandacht is voor de persoonlijke omstandigheden van de client, waarbij de reclassering oog heeft voor de maatschappelijke en persoonlijke risico’s. Dat maakt dat de enkelband vaker ingezet kan worden om zo de cellentekorten in de gevangenissen op te vangen, schrijft de Inspectie. In het gevangeniswezen is sprake van een groot probleem vanwege het cellentekort en personeelstekort. Door mensen in voorarrest in de gaten te houden via een enkelband en gedetineerden eerder naar huis te sturen met een enkelband, moet de druk op het gevangeniswezen afnemen. Een groot deel van de duizenden enkelbanddragers is in afwachting van de uitspraak van een rechter. De Inspectie heeft ook een aantal knelpunten vastgesteld. Adviseurs van de reclassering hebben niet alle cliënten bij wie de enkelband van meerwaarde kan zijn, in beeld. Ook beschikt de reclassering niet altijd over relevante politie-informatie om te adviseren over de haalbaarheid en uitvoerbaarheid van de enkelband. Om te voorkomen dat de kwaliteit van de elektronische monitoring onder druk komt te staan, adviseert de inspectie om deze knelpunten op te pakken.

Minister van Justitie Van Weel kostte het bijna zijn kop nadat bleek dat met 10.000 meldingen en aangiften van ernstige misdrijven waren blijven liggen door capaciteitstekorten bij de politie en dat hij dit had afgezwakt door te zeggen dat het percentage meldingen meer dan de helft daarvan was. Volgens de Algemene Rekenkamer ging het echter maar bij slechts 10 procent van de 10.000 onbehandelde aangiften om meldingen zonder aanknopingspunten. Daarmee zou Van Weel de Tweede Kamer op het verkeerde been hebben gezet. Of het laten liggen van zoveel aangiftes ook te maken heeft met het cellen tekort waardoor daders toch onbestraft blijven is niet bekend.

Het Openbaar Ministerie van Oost-Nederland liet in 2022 al ongeveer vijftienhonderd strafzaken niet voor de rechter komen vanwege een tekort aan personeel bij de rechtbank Gelderland. En om in alle drukte ruimte te houden voor “urgentere zaken” vroeg het OM aan de rechtbank opnieuw om zaken te schrappen die gaan om eenvoudige mishandeling, eenvoudige diefstal, belediging, bedreiging, maar ook lichte drugszaken en verkeerszaken. Ook nu worden nog met enige regelmaat zaken geschrapt. Het gaat om zaken die meer dan anderhalf jaar wachten op behandeling door een politierechter. Die behandelt strafzaken waarin maximaal één jaar celstraf kan worden opgelegd. Het gaat in dit geval om eenvoudige misdrijven, zoals diefstallen, verkeerszaken en bezit van hennep. Een aantal zaken wordt geseponeerd en andere worden afgedaan met een strafbeschikking. Eventuele slachtoffers die het niet eens zijn met de afhandeling van hun aangifte of beslissing in hun zaak, kunnen een klacht indienen bij het gerechtshof. Het Openbaar Ministerie komt 104 voltijds officieren van justitie tekort. Ook is er een tekort aan zeker 50 rechters. Om de capaciteitsproblemen bij de rechtspraak op te lossen wordt er de komende jaren 155 miljoen euro per jaar extra uitgetrokken voor het aantrekken van nieuwe rechters en rechtbankpersoneel. 

De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad onderzocht hoe het OM deze verschuiving inzet en wat de gevolgen zijn voor rechtsbescherming en kwaliteit van besluitvorming. Niet langer staan grote golven geschrapte zaken centraal, maar een bredere inzet van buitengerechtelijke afdoening, waarmee het OM probeert de druk op de rechtbanken te verlichten en de doorlooptijden voor zwaardere zaken te verbeteren. De rechtspraak heeft kritiek op de werkwijze en waarschuwt dat de rechter daarmee minder vaak betrokken is bij de beoordeling van strafbare feiten die traditioneel wel in de zittingszaal thuishoren.

Gevangenen met straffen korter dan een jaar worden standaard vóór het einde van hun straf vrijgelaten en die noodmaatregel blijft voorlopig van kracht. Hoewel het kabinet eerder zei hier zo snel mogelijk van af te willen, verwachten ambtenaren dat het vervroegd vrijlaten nog wel even doorgaat. Naast het uitstellen van celstraffen mogen gedetineerden soms al op vrijdag naar huis als hun straf eigenlijk pas in het weekend of op maandag verloopt. De noodmaatregelen gelden al een tijd. 

Volgens een intern document van het ministerie van Justitie en Veiligheid zijn er te weinig cellen én vooral te weinig cipiers, waardoor niet alle veroordeelden hun volledige straf kunnen uitzitten. Daarom worden geschikte gedetineerden twee weken eerder vrijgelaten. Zwaar gestraften en zedendelinquenten zijn uitgesloten. Daarnaast worden minder gevaarlijke ‘zelfmelders’ voorlopig niet opgeroepen om hun straf te beginnen, maar staan op een  wachtlijst.  Veelvoorkomende misdrijven, zoals eenvoudige diefstallen, mishandelingen, vernielingen en bezit van kleine hoeveelheden drugs, worden sneller administratief afgehandeld. De politierechter, bedoeld voor zaken waarvoor maximaal één jaar celstraf kan worden opgelegd, blijft overbelast, waardoor dergelijke dossiers soms jarenlang blijven liggen. Wilders steunde zijn staatssecretaris Ingrid Coenradie niet en wilde gevangenen voorlopig dan maar onderbrengen in een deel van het Justitieel Complex Schiphol en meer gevangen in een cel laten plaatsen. Meer gevangenen op 1 cel zou echter problemen geven vanwege de veiligheid van gevangenen en personeel en gevangenen vastzetten in het Justitieel Complex Schiphol zou de opvang van ongewenste vreemdelingen belemmeren.  

Eerst werd er besloten om mensen met korte straffen pas later te laten beginnen aan hun detentie, toen volgde het plan om mensen met een straf tot twee maanden helemaal niet meer vast te zetten. Nu worden zelfs langgestraften vervroegd vrijgelaten bij gebrek aan alternatieven. De staatssecretaris noemt het pijnlijk, maar “onvermijdelijk. Zo’n drieduizend personen zijn veroordeeld tot celstraffen, maar zitten niet in een cel vanwege personeelstekort. Negentig procent van de bewaarders vindt dat het werk zwaarder is geworden. De helft van het personeel zegt dat het ook steeds onveiliger wordt. Mensen worden bedreigd, gewurgd, krijgen stront over zich heen, worden uitgescholden of van de trap gegooid. Soms zie je dat bewaarders door andere gedetineerden moeten worden gered.

Ook bij de reclassering is er onvoldoende personeel om vrijgelaten criminelen op het rechte pad te houden. Vrijwel alle toezicht bij jonge draaideurcriminelen ontbreekt. Het veroordelingsproces van jongeren verloopt al jaren te langzaam. Daardoor zijn de wachttijden nog altijd langer dan de norm, merkt de Inspectie Justitie en Veiligheid op in een rapport. De wachttijd verschilt per situatie, maar kan in sommige gevallen jaren duren. Er is geen zicht op waar de vertragingen in het strafproces van jeugdigen ontstaan. Betrokken organisaties, zoals het Openbaar Ministerie (OM), de politie en de Kinderbescherming, wijzen elkaar aan als schuldige. De keten kampt bovendien al jaren met personeelstekorten en een tekort aan specialistische zorg voor de jongeren. Daarbij zijn weinig plekken beschikbaar in onder meer jeugdinrichtingen en voor taakstraffen.

Het Openbaar Ministerie (OM) gaat verdachten van delicten waarop maximaal zes jaar celstraf staat niet meer via de rechter vervolgen, maar zelf bestraffen. Verdachten van strafbare feiten als diefstal, vandalisme of eenvoudige mishandeling zullen vaker een boete of taakstraf via een strafbeschikking krijgen. In ongeveer 80 procent van de strafdossiers van justitie draait het niet om zeer ernstige feiten, maar om zaken waarin uiteindelijk gevangenisstraffen worden opgelegd van hooguit een paar weken of maanden. Als deze zaken steevast worden gedagvaard, dan heeft dat tot gevolg dat men bij de rechtspraak minder ruimte zal hebben voor andere, zwaardere zaken. Het OM heeft sinds 2008 al de wettelijke bevoegdheid om met de OM‐strafbeschikking (OMSB) lichtere delicten zelf af te doen.

Het College van procureurs‐generaal wil de mogelijkheden die de strafbeschikking biedt optimaal gaan benutten en minder gaan dagvaarden en meer strafbeschikkingen opleggen en zo de benodigde cellen beschikbaar krijgen. Bijna 6000 van de veroordeelde criminelen zijn onvindbaar. Samen zijn zij verantwoordelijk voor ruim 7000 zaken, waaronder ernstige geweldsdelicten. Van de meesten wordt vermoed dat ze in het buitenland zitten. Voormalig Staatssecretaris Coenradie wil gevangenen in het uiterste geval maximaal twee weken voor het einde van hun straf naar huis kunnen sturen, maar alleen voor gevangenen met een gevangenisstraf tot één jaar. Zedendelinquenten en plegers van een ernstig geweldsmisdrijf komen niet in aanmerking en vervroegd vrijlaten zal alleen gebeuren bij hoge nood, als er echt geen plek meer is voor een andere veroordeelde. De ministerraad stemde 7 maart 2025 in met deze plannen waarna deze werden voorgelegd aan de Tweede Kamer. Wilders liet via X al meteen weten tegen de plannen te zijn, net als de VVD. Coenradie vindt het zelf ook een pijnlijke maatregel, maar ziet geen andere mogelijkheid. Wilders (PVV)wilde in plaats van vervroegde vrijlating liever een uitbreiding van het aantal meerpersoonscellen. En die komt er ook, schreef Coenradie in haar brief aan de Tweede Kamer, maar op kleine schaal: de maatregel levert dit jaar ruim honderd cellen meer op. Zonder deze ingreep blijven politiecellen overvol en dreigen verdachten en veroordeelden willekeurig vrij te komen. Er wordt ook onderzocht of er een tijdelijke noodunit met zestig plekken bij de Limburgse vrouwengevangenis Ter Peel kan komen.

Er zijn de afgelopen tien jaar, toen er nog sprake was van een cellenoverschot, 26 gevangenissen en meerdere tbs-klinieken gesloten. Veel bewakers zijn iets anders gaan doen, waardoor er nu te weinig personeel is. Maar inmiddels stijgen de criminaliteitscijfers en worden er langere straffen gegeven. Er wordt onder meer gekeken of de gevangenis in Almere, die in 2019 werd gesloten, heropend kan worden. De vooruitzichten laten zien dat de druk op het strafrechtelijk systeem de komende jaren geleidelijk zal toenemen. Het aantal geregistreerde strafbare feiten groeit naar verwachting licht, maar omdat de bevolkingsgroei achterblijft, komt dat neer op een stijging per inwoner. Tegelijkertijd wordt verwacht dat de behoefte aan detentiecapaciteit stijgt. Dit hangt samen met een groei van het aantal verdachten in voorlopige hechtenis en een langere duur daarvan. Ook het aantal opgelegde vrijheidsstraffen neemt vermoedelijk toe. Hoewel die straffen gemiddeld korter worden, weegt de toename in aantallen zwaarder, waardoor de totale capaciteitsvraag toch groeit.

Andere onderdelen van de keten laten een vergelijkbaar beeld van lichte maar gestage groei zien. Zo neemt het aantal incidenten dat slachtoffers ervaren naar verwachting duidelijk toe, terwijl het Openbaar Ministerie slechts een beperkte stijging in het aantal beslissingen voorziet. Binnen de forensisch psychiatrische zorg wordt eveneens meer capaciteit nodig geacht, vooral doordat het aantal mensen met een tbs-maatregel toeneemt. In het jeugddomein blijft het aantal Halt-verwijzingen naar verwachting stabiel, maar stijgt de vraag naar plaatsen in jeugdinrichtingen enigszins door een toename van zwaardere maatregelen en voorlopige hechtenis bij minderjarigen.

Ook in de rechtspraak wordt een groeiende instroom verwacht. Handelszaken laten een relatief sterkere stijging zien dan familiezaken, terwijl binnen het bestuursrecht vooral belastingzaken en overige procedures gestaag toenemen. Al met al schetsen de prognoses een beeld van een justitiële keten die de komende jaren op meerdere fronten rekening moet houden met een toenemende werkdruk en een bijbehorende behoefte aan extra capaciteit.

De situatie in de forensische zorg is kritiek nu 270 veroordeelden wachten op een plek in een tbs-kliniek. Het aantal wachtenden is de afgelopen jaren sterk toegenomen doordat ook de doorstroom vanuit het overvolle gevangenissysteem volledig is vastgelopen. De gemiddelde wachttijd is inmiddels opgelopen tot een periode van twaalf tot achttien maanden. Voor de zwaarste gevallen betekent dit dat gevaarlijke delinquenten soms al sinds het begin van 2024 in een reguliere cel verblijven zonder de noodzakelijke gespecialiseerde behandeling te ontvangen.

De juridische gevolgen van deze stagnatie zijn groot. Omdat de rechter de tbs-maatregel elke twee jaar opnieuw moet beoordelen, vinden er zittingen plaats over de voortgang van cliënten die feitelijk nog niet eens aan hun behandeling in een kliniek zijn begonnen. Advocaten spreken van een onhoudbaar wanbeleid en wijzen erop dat deze vertragingen de rechtsstaat ondermijnen. In veel gevallen dwingen zij inmiddels schadevergoedingen af bij de overheid omdat de staat niet aan de wettelijke behandelplicht kan voldoen.

Een tbs-veroordeelde heeft namelijk wettelijk recht op plaatsing binnen vier maanden. Wanneer deze termijn wordt overschreden, kan de betrokkene aanspraak maken op een financiële tegemoetkoming, de zogenaamde wachtgeldregeling. Deze vergoeding begint vaak bij een bedrag van ongeveer 225 euro per maand en loopt op naarmate de wachttijd vordert. In 2024 en 2025 heeft de overheid hierdoor al tonnen aan compensatie uitgekeerd aan wachtende gedetineerden. Voor slachtoffers en nabestaanden is dit een bittere pil, ook al wordt een deel van dit geld vaak direct ingehouden om openstaande schadeclaims aan diezelfde slachtoffers af te betalen.

Hoewel het kabinet Jetten 100 miljoen euro extra investeert in het gevangeniswezen, blijft gerichte financiering voor de tbs-sector in de huidige plannen uit. Zonder extra bedden en personeel in de forensische klinieken blijft het systeem verstopt, wat direct invloed heeft op de veiligheid in de samenleving. De behandeling die herhaling van misdrijven moet voorkomen, begint nu simpelweg te laat of helemaal niet.

Voor tijdelijke uitbreidingen van de celcapaciteit komt er een detentieboot met geplande ingebruikname in november 2026. Daarnaast wordt gekeken naar noodopvanglocaties, waaronder het complex in Evertsoord (Limburg). Het Justitieel Complex Evertsoord in Limburg is een inrichting van de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) en ligt in de gemeente Horst aan de Maas. Het wordt gebruikt als forensisch psychiatrisch centrum (FPC), justitiële jeugdinrichting (JJI) en als locatie voor vreemdelingenbewaring. Het terrein bestaat uit meerdere gebouwen met een streng beveiligd regime en is geschikt voor langdurige plaatsingen. Het complex is eerder ingezet voor opvang van verschillende categorieën gedetineerden en kan door zijn schaal en ligging dienen als noodlocatie voor extra celcapaciteit. De bestaande infrastructuur maakt tijdelijke aanpassingen en uitbreiding van gebruiksfuncties mogelijk, maar personeelstekort en de combinatie van functies beperken de inzetbaarheid. Evertsoord heeft een landelijke functie in het stelsel van DJI en geldt als een van de grootste gesloten instellingen in het zuiden van Nederland.

Eind 2025 werd een overzicht gepubliceerd waarin alle uitvoerbare opties en de bijbehorende randvoorwaarden zijn opgenomen. Op die lijst staat onder meer de heropening van de Penitentiaire Inrichting Almere. Voorbereiding en renovatie daarvan vergen vijf tot zeven jaar. De capaciteit bedraagt bij volledige heropening 320 cellen. De exploitatiekosten worden geraamd op 85 tot 95 miljoen euro per jaar. De Dienst Justitiële Inrichtingen beschikt op dit moment niet over die middelen. De Overheid heeft de heropening van de Penitentiaire Inrichting (PI) Almere inmiddels concreet gemaakt als maatregel om het cellentekort aan te pakken. Hoewel er eerder financiële en tijd technische belemmeringen waren, kwam er begin dit jaar politieke en parlementaire steun voor de plannen. De inrichting in Almere Buiten biedt bij volledige ingebruikname ruimte aan ongeveer 320 gedetineerden. Het project kampt nog wel met hoge geraamde kosten (oplopend tot 95 miljoen euro per jaar) en een lange aanlooptijd. Het duurt naar schatting nog steeds 4 tot 6 jaar voordat het complex volledig operationeel is, al worden er wel stappen gezet om de voorbereiding te versnellen.

Om het tekort aan cellen niet verder te laten oplopen, is jaarlijks 350 miljoen euro extra nodig. Dat schreef Wim Saris, directeur-generaal van de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI), in een brief aan het kabinet. Saris pleit daarnaast voor beleidswijzigingen, zoals het eerder terugkeren van gevangenen in de samenleving. Zonder zulke maatregelen zou er volgens hem jaarlijks nog eens 550 miljoen euro nodig zijn. Ook wil hij dat rechters elektronische detentie als hoofdstraf kunnen opleggen, waarbij gedetineerden hun straf thuis uitzitten met een enkelband. Volgens Saris zijn ingrijpende maatregelen onvermijdelijk. “Op dit moment wachten duizenden daders op de uitvoering van hun straf, en dit aantal blijft oplopen,” schrijft hij. “Dit ondermijnt het vertrouwen in de rechtsstaat en veroorzaakt maatschappelijke en politieke onrust.” 

Sommige veroordeelden, die niet als zeer gevaarlijk worden gezien, worden niet direct opgeroepen om hun straf uit te zitten. Zij moeten wachten tot de wachtlijst van inmiddels 3.281 personen is weggewerkt. Terwijl rechters zwaarder zijn gaan straffen is het aantal cellen niet meegegroeid. De bezettingsgraad van gevangenissen bedraagt 99,5 procent en 158 cellen zijn onbruikbaar door personeelstekort. Door gebrek aan onderhoud dreigen nog eens 3.000 plekken uit te vallen, terwijl het aantal veroordeelden de komende tien jaar naar verwachting blijft stijgen.

Voormalig PVV-staatssecretaris Ingrid Coenradie waarschuwde kort na haar aantreden al voor de problemen in de gevangenissen en stelde dat er minstens een half miljard euro nodig was. Haar voorstel kreeg echter geen meerderheid, mede door tegenstand van haar eigen partij, die geen extra geld wil uittrekken en meer gevangenen bij elkaar wil zetten. Deskundigen en personeel zien dat echter als risicovol en onveilig. Na het vertrek van de PVV uit de coalitie kreeg DJI op Prinsjesdag 75 miljoen euro extra toegezegd. Volgens Saris is dit bedrag onvoldoende; de Algemene Rekenkamer bevestigt dat het tekort daarmee niet gedekt is.

Het totale budget van DJI bedraagt dit jaar 3,1 miljard euro. Saris benadrukt dat met extra maatregelen de benodigde som iets kan dalen, maar waarschuwt: “Willen we niet alleen recht spreken, maar ook recht doen, dan moeten nu ingrijpende, structurele en langdurige keuzes worden gemaakt.”

Het gevangeniswezen kampt tevens met een structureel tekort aan personeel. Dit leidt tot hoge werkdruk en verslechterde veiligheid. In sommige inrichtingen zijn avondactiviteiten reeds geschrapt wegens onvoldoende gekwalificeerd personeel. FNV-bestuurder Marcelle Buitendam waarschuwt dat “de rek er bij gevangenispersoneel echt uit is.” Ze stelt dat het steeds moeilijker wordt om mensen voor het vak te interesseren. Gevangenisbewaarders hebben de afgelopen jaren al vergeefs verschillende protestacties gevoerd vanwege hoge werkdruk, agressie op de werkvloer en structurele personeelstekorten. Zo werd in december 2022 in de gevangenis van Haren gestaakt vanwege een combinatie van onderbezetting, gebrekkige opleiding van nieuw personeel en kinderziektes in het gebouw. In andere gevallen, zoals in Lelystad in 2020, betrof het protestacties van gedetineerden en niet van het personeel. Cipiers, medisch en keukenpersoneel sloten zich aan. Gevangenen weigerden om terug naar hun cellen te gaan uit protest tegen de erbarmelijke omstandigheden. Het ziekteverzuim onder gevangenispersoneel is  structureel hoog. In Alphen aan den Rijn, loopt dit soms op tot wel 10 procent. Oorzaken zijn onder andere agressie, emotionele uitputting en onvoldoende ondersteuning. Vakbonden en medewerkers waarschuwen al langere tijd dat de situatie onhoudbaar is en leidt tot onveilige werkomstandigheden voor personeel én gedetineerden. 

De overheid laat al jaren na om structureel werk te maken van de overvolle, onderbezette en onveilig geworden gevangenissen. Wat we zien is een uitputtingsslag onder personeel, uitgestelde straffen, een groeiend aantal vrij rondlopende veroordeelden en een justitieapparaat dat het niet meer bijbenen kan. Het gevangeniswezen, een fundament van de rechtsstaat brokkelt in hoog tempo af.

De cijfers zijn onthutsend. Er zijn op dit moment zeker 3.000 mensen veroordeeld tot een gevangenisstraf, maar er is simpelweg geen plek voor hen. Zelfs veroordeelden met celstraffen van vier jaar en meer lopen vrij rond. De ernst van hun misdrijven, waaronder overvallen, verkrachtingen en plofkraken, maakt deze situatie ronduit onverantwoord. Politiecellen puilen uit, personeel valt massaal uit en zelfs het Justitieel Complex Schiphol wordt nu ingezet als tijdelijke gevangenis. Dat is een doekje voor het bloeden, want de opvang van ongewenste vreemdelingen komt daardoor in het gedrang. Nog schrijnender: cipiers worden gewurgd, bekogeld en bedreigd, en het ziekteverzuim stijgt richting de 10 procent. Meer dan de helft van het gevangenispersoneel vindt het werk inmiddels ronduit onveilig.

De staat verkocht de afgelopen jaren vier gevangenissen, vier rechtbanken, sloot 26 inrichtingen en er verdwenen TBS-klinieken. Inmiddels stijgen de criminaliteitscijfers weer en worden er langere straffen opgelegd. En dan is er ineens geen plek meer, geen bewakers, geen toezicht en geen plan. Een noodzakelijke injectie in de voorjaarsnota bleef uit. Intussen ziet het personeel op de werkvloer het gevaar letterlijk op zich afkomen en raken slachtoffers en hun families verder vervreemd van een systeem dat hun veiligheid zou moeten waarborgen.

Wat rest zijn lapmiddelen: meerpersoonscellen, noodunits, strafbeschikkingen voor delicten waarop ooit celstraf stond, en rekken van rechtszaken. Soms tot wel anderhalf jaar of meer. Ondertussen blijven jongeren, inclusief veelplegers, te lang wachten op hun straf. Reclassering en jeugdzorg kunnen het niet aan, maar er komt geen extra menskracht. Instanties wijzen naar elkaar en niemand neemt verantwoordelijkheid. 

Het is een pijnlijk contrast. Waar de burger met een huurachterstand van 400 euro in sommige regio’s nog vlot bij een regelrechter terecht kan, is er voor een overval, bedreiging of mishandeling geen rechter of cel beschikbaar. Er is iets fundamenteel scheefgegroeid. Het gevangeniswezen is dan ook al jarenlang genegeerd, afgebroken en uitgekleed.


Leave a Reply

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *